Klimaat, lucht en energie

foto: Jan de Groen, Hollandse Hoogte

Het is zeer waarschijnlijk dat het grootste deel van de wereldwijde temperatuurstijging sinds het midden van de twintigste eeuw door de mens is veroorzaakt. Om verdere opwarming te verminderen, wordt beleid gevoerd dat erop gericht is om de uitstoot van broeikasgassen te verminderen. Het Nederlandse beleid richt zich op het nakomen van de Kyotoverplichting tot en met 2012 en op het voldoen aan Europese en nationale doelen tot en met 2020.

Verbranding van fossiele brandstoffen voor warmte, elektriciteit en vervoer veroorzaakt naast de uitstoot van CO2 – het belangrijkste broeikasgas – ook uitstoot van stikstofoxiden (NOx), zwaveldioxide (SO2) en fijn stof. Deze luchtverontreinigende stoffen leiden tot negatieve gezondheidseffecten en tot schade aan natuur, gewassen en gebouwen door blootstelling aan verzurende en vermestende stoffen en ozon. Om de nadelige effecten van luchtverontreiniging op gezondheid en natuur te verminderen, zijn nationale emissieplafonds afgesproken en wordt sectoraal bronbeleid gevoerd.

De belangrijkste acht conclusies over klimaat, lucht en energie zijn:

Kyotodoel 2008-2012

Het Kyotodoel wordt waarschijnlijk gehaald

Nederland zal zijn Kyotoverplichting waarschijnlijk kunnen nakomen. Niettemin is het raadzaam de buffer van buitenlandse emissierechten te vergroten vanwege onzekerheden in het tempo van economisch herstel en mogelijk tegenvallende opbrengsten van aangekochte buitenlandse emissierechten.

Doel broeikasgassen 2020

Realisatie reductiedoel broeikasgassen tot en met 2020 onwaarschijnlijk

Het vastgestelde en voorgenomen klimaatbeleid resulteert in een aanzienlijke emissiereductie, maar het doel van 30% reductie tussen 1990 en 2020 wordt niet gehaald. Het Europese doel voor emissies van sectoren die niet aan de Europese CO2-emissiehandel (ETS) deelnemen, kan met dit beleid wel worden gehaald. Aanvullende emissiereducties zijn echter nodig om tegenvallers op te kunnen vangen, te meer daar de EU de inzet van buitenlandse emissierechten gemaximeerd heeft.

NEC emissieplafonds 2010

Uitstoot SO2 en NMVOS onder EU-plafond; NOx en NH3 dichtbij doel

De EU-doelen voor de emissie van SO2 en NMVOS in 2010 worden waarschijnlijk gehaald. De emissies van NOx en NH3 komen waarschijnlijk enkele jaren na 2010 onder het afgesproken plafond.

Luchtkwaliteitsnormen

NO2- en PM10-concentratie langs wegen zal dalen maar realisatie normen  blijft gevoelig voor tegenvallers

Door uitvoering van het Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit (NSL) vermindert het aantal locaties met overschrijding van de luchtkwaliteitsnormen voor NO2 en PM10. Bij een beperkt aantal sterk belaste wegen bij de grote steden blijft een risico dat de normen niet tijdig worden gehaald. Doordat auto’s in de praktijk meer NOx uitstoten dan de toelatingseisen voorschrijven, moeten de NSLparticipanten wellicht extra maatregelen nemen om vanaf 2015 overal te voldoen aan de NO2-norm.

Energiebesparing

Energiebesparing in Nederland valt tegen

De energiebesparing in de gebouwde omgeving valt tegen. Woningeigenaren worden onvoldoende gestimuleerd om energie te besparen. Ook zijn er geen duidelijke afspraken gemaakt met afzonderlijke woningcorporaties.

Hernieuwbare energie

Productie van hernieuwbare energie in Nederland groeit te traag

Het aandeel hernieuwbare energie in 2020 bedraagt waarschijnlijk 6% à 7% bij voortzetting van het huidige budget voor het stimuleren van hernieuwbare elektriciteit. De voorgenomen wijziging en de verhoging van het subsidiebudget kunnen dit aandeel aanzienlijk verhogen, maar het doel van 20% hernieuwbare energie wordt waarschijnlijk ook daarmee niet gehaald.

Biobrandstoffen

Huidige biobrandstoffen minder gunstig voor klimaat dan gedacht

De biobrandstoffen die nu aan de pomp worden verkocht, veroorzaken waarschijnlijk per saldo een toename van de mondiale CO2-uitstoot. Het netto mondiale effect is onzeker en kan variëren van 40% minder tot 180% meer CO2. Om de CO2-emissies te laten dalen, verdient het aanbeveling de indirecte landconversie ten gevolge van biobrandstofproductie tegen te gaan.

Samenhang met ander beleid

Beter integreren energiebeleid in ruimtelijke ordening noodzakelijk

Het is van belang het klimaat- en energiebeleid verder te integreren in de ruimtelijke ordening, om de inpassing van klimaatmaatregelen (zoals windmolens en ondergrondse CO2-opslag) in het ruimtegebruik te versoepelen, nu en op de langere termijn.

Evaluatie van het beleid voor klimaat, lucht en energie

Het PBL heeft geëvalueerd wat de effecten zijn van het beleid voor klimaat, lucht en energie. In hoeverre zijn bijvoorbeeld de beleidsdoelen gehaald voor de uitstoot van broeikasgassen? En hoe staat het met de voorgenomen energiebesparing? Kan de overheid nog meer doen om de beleidsdoelen te halen?
Antwoorden op deze en andere vragen, en aanvullende informatie, staan op de volgende pagina’s: