Water

foto: Heike Kampe, iStock

Een veilige en leefbare delta, nu en in de toekomst, met water als verbindend element is het hoofddoel van het Nationaal Bestuursakkoord Water, de Nota Ruimte en het Nationaal Waterplan. Het doel is in de periode tot 2015 de waterhuishouding in Nederland op orde te brengen qua veiligheid en wateroverlast (te veel), watertekorten, verdroging, verzilting (te weinig), water(bodem)kwaliteit, sanering waterbodems (te vies) en ecologie (te arm; Kaderrichtlijn Water KRW).

Kwaliteit oppervlaktewater verbetert te langzaam

De uitwerking van de Kaderrichtlijn Water (KRW), die de kwaliteit van oppervlakte- en grondwater moet verbeteren, heeft het afgelopen jaar niet geleid tot nieuwe inzichten in de te verwachten resultaten. Bij uitvoering van de voorgestelde maatregelen zou 25% van alle waterlichamen kunnen voldoen aan de ecologische doelen voor 2015. Dat lijkt echter een optimistische schatting. Het is namelijk onduidelijk of die maatregelen allemaal voldoen aan de beleidsuitgangspunten van haalbaarheid, betaalbaarheid en grondverwerving op vrijwillige basis die Nederland bij de uitwerking van de KRW hanteert.

Verder is de milieubelasting door gewasbeschermingsmiddelen weliswaar sinds 1998 gedaald, maar stagneert de vooruitgang de laatste jaren. Het grootste resultaat is geboekt bij de belasting van het oppervlaktewater, het enige type belasting waarvoor een kwantitatief doel is geformuleerd. Dat doel, 95% reductie tussen 1998 en 2010, wordt echter niet gehaald.

Aanpak verdroging komt nauwelijks van de grond

De bestrijding van verdroging is vanaf 2007 onderdeel geworden van de prestatieafspraken tussen rijk en provincies (bestuursovereenkomsten, ILG-budget). Deze afspraken bieden tot nu toe geen garantie dat de doelstelling voor verdroging tijdig wordt bereikt. Het doel om tussen 2007 en 2013 circa 70.000 hectare verdroogd areaal te herstellen (ofwel 10.000 ha per jaar), zal in ieder geval niet worden gehaald. Zo is in 2007 en 2008 in totaal slechts 650 ha aangepakt. Dit komt vooral doordat veel provincies de aanpak hebben doorgeschoven naar 2010. Het belangrijkste knelpunt bij de aanpak is de moeizame verwerving van grond rond verdroogde gebieden. De provincies zijn er nog niet in geslaagd een adequaat monitoringsysteem te ontwikkelen waarmee de beleidsvoortgang kan worden gevolgd.

Zie ook onder thema biodiversiteit:  Kwaliteit zoete en zoute wateren

Het PBL heeft diverse doelen geëvalueerd van het nationale beleid voor water in het landelijk gebied:

Web- docu- mentenDoelenHuidig beleid1Voorge- nomen beleid2Toelichting
Water
0027Chemische kwaliteit oppervlaktewater 2015Effect inspanning nu nog onduidelijk
0027Ecologische kwaliteit oppervlaktewater 2015Beoordeling conform ‘one out – all out’ principe uit de Kaderrichtlijn Water (KRW)
0029ZwemwaterkwaliteitDoelbereik voor 2015 conform Nieuwe EU- richtlijn onduidelijk
0030Verdroging 2013Systeem om beleidsvoortgang te monitoren ontbreekt; t/m 2008 maatregelen ingezet op 650 van 70.000 ha
Legenda
Uitvoering van het beleid leidt waarschijnlijk tot het halen van het doel
Geraamde ontwikkeling ligt rond het doel, beleid zou robuust gemaakt kunnen worden voor tegenvallers
Geraamde ontwikkeling leidt waarschijnlijk niet tot het halen van het doel, met intensivering van het beleid is het doel wel realiseerbaar
Geraamde ontwikkeling leidt waarschijnlijk niet tot het halen van het doel, vraagt fundamentele herziening van de huidige aanpak door andere beleidsinstrumenten in te zetten of door doelen aan te passen
Op dit moment niet te bepalen
1) Huidig (vastgesteld) beleid is beleid waarvoor de instrumenten, financiering en bevoegdheden aanwezig zijn, en waarover de besluitvorming uiterlijk 1 januari 2010 was afgerond
2) Voorgenomen beleid is beleid dat het kabinet-Balkenende IV in ontwikkeling had.