Balans van de Leefomgeving
Balans van de Leefomgeving 2012

Landelijk gebied en natuur

De zes belangrijkste conclusies over landelijk gebied en natuur in de Balans 2012 zijn:

  • 1. Decentralisatie

    Decentralisatie biedt provincies meer ruimte om milieu- en ruimtelijke ordeningsvraagstukken op te lossen

    De decentralisatie van het beleid biedt de provincies meer ruimte om rekening te houden met provinciale verschillen bij het oplossen van milieuproblemen en ruimtelijke ordeningsvraagstukken. Provincieoverstijgende vraagstukken, zoals de Natura 2000-gebieden en de verstedelijking in de Randstad, blijven interprovinciale coördinatie vereisen. Zeker wanneer verantwoording voor het beleid richting de Europese Unie een rol speelt, kan het Rijk deze coördinatie op zich nemen.

  • 2. Biodiversiteitsdoelen

    Achteruitgang biodiversiteit geremd, niet gestopt

    Nederland ligt op het gebied van de biodiversiteit niet op koers wat betreft de Europese verplichtingen en mondiale afspraken. Zo voldoet Nederland niet aan het verslechteringsverbod zoals opgenomen in de Vogel- en Habitatrichtlijnen.

  • 3. Provinciaal beleid

    Provincies combineren landschapsbeleid steeds vaker met economische ontwikkelingen

    Provincies combineren landschapsbeleid steeds vaker met economische ontwikkelingen om de verhoging van de ruimtelijke kwaliteit te financieren. Het risico daarvan is dat er zonder economische ontwikkeling weinig mogelijkheden zijn voor verbetering van de ruimtelijke kwaliteit.

  • 4. Lente-akkoord en natuur

    Effecten Lente-akkoord voor natuur

    In het Lenteakkoord is de bezuiniging op natuur ten opzichte van 2010 teruggebracht tot ongeveer 30 procent. De Natura 2000-gebieden en het oplossen van het stikstofknelpunt krijgen prioriteit. De voorgestelde bezuinigingen treffen vooral het oplossen van milieuknelpunten buiten de Natura 2000-gebieden en het verwerven en inrichten van nieuwe natuur.

  • 5. Programmatische aanpak stikstof

    PAS maakt economische ontwikkeling en realisatie Natura-2000 mogelijk

    De Programmatische Aanpak Stikstof biedt een kansrijk instrument om economische ontwikkelingen, zoals uitbreiding van veehouderijen, samen te laten gaan met het realiseren van Natura 2000-doelen. Daarvoor is het wel nodig dat de benodigde maatregelen daadwerkelijk, tijdig en in samenhang worden uitgevoerd en de effecten ervan worden gemonitord. Voor de watermaatregelen is dat onzeker vanwege de weerstand ertegen en de kosten ervan. Als de staat van instandhouding van het Natura 2000-gebied niet verbetert, komt de economische ontwikkelruimte niet beschikbaar.

  • 6. Burgers aan zet

    Groot actiepotentieel onder burgers om natuur en landschap te beheren en te beschermen

    In Nederland zijn veel burgers bereid zich actief in te zetten voor het beheren en beschermen van de natuur en het landschap in hun directe omgeving. Organisaties tussen overheid en burgers in, zoals agrarische natuurverenigingen, kunnen dergelijke initiatieven verbinden en daarmee de slagkracht vergroten en kennis inbrengen. Het Rijk kan via deze intermediaire organisaties burgerinitiatieven stimuleren.

De wijze waarop landbouw en natuur elkaar beïnvloeden en de wijze waarop verstedelijking vorm krijgt in het landschap bepalen voor een belangrijk deel de kwaliteit van het landelijk gebied (hoofdstuk 4 in het boek) . De natuurkwaliteit in het landelijk gebied zal verbeteren door vermindering van de milieudruk, door het vergroten en verbinden van leefgebieden en door agrarische productiemethoden aan te passen. Het natuur- en landschapsbeleid is afgelopen jaren verder gedecentraliseerd naar de provincies. Die krijgen de kans regie te voeren en in te spelen op regionale verschillen in problematiek. Tegelijkertijd krijgt het Rijk de rol om regie te voeren bij bovenprovinciale ontwikkelingen, zoals de uitvoering van Europese richtlijnen op gebied van natuur en water (Vogelrichtlijn, Habitatrichtlijn, Kaderrichtlijn Water) en het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid. De afstemming tussen Rijk en provincies is momenteel in volle gang. De doorgevoerde bezuinigingen op natuurbeleid leiden wel tot discussies over welke ambities voor natuur- en landschapskwaliteit de verschillende provincies willen hanteren.

Evaluatie van het beleid voor het landelijk gebied

Het PBL heeft geëvalueerd wat de effecten zijn van het beleid voor de verschillende gebruiksfuncties in het landelijk gebied: landbouw, natuur en het landschap. Hoe staat het met de ontwikkeling van de Ecologische Hoofdstructuur? Hoe kunnen in één gebied al die verschillende en soms botsende functies goed uit de verf komen? En kan beleid voor het een überhaupt wel worden uitgevoerd zonder beleid voor het ander tegen te werken? Antwoorden op deze en andere vragen, en aanvullende informatie, staan op de volgende pagina’s:

Natuur en biodiversiteit

groenUitvoering van het beleid leidt waarschijnlijk tot het halen van het doel
geelGeraamde ontwikkeling ligt rond het doel, beleid zou robuust gemaakt kunnen worden voor tegenvallers
oranjeGeraamde ontwikkeling leidt waarschijnlijk niet tot het halen van het doel, met intensivering van het beleid is het doel wel realiseerbaar
roodGeraamde ontwikkeling leidt waarschijnlijk niet tot het halen van het doel, vraagt fundamentele herziening van de huidige aanpak door andere beleidsinstrumenten in te zetten of door doelen aan te passen
grijsOp dit moment niet te bepalen
witDeze analyse is niet uitgevoerd

Natuurnetwerk Nederland (2027)
  • Balans 2012
Locatie van verworven gronden cruciaal in kleinere Ecologische Hoofdstructuurlees meer
Stop achteruitgang biodiversiteit 2010
  • Balans 2012
Kwetsbare soorten en ecosystemen gaan achteruit. lees meer
Milieucondities natuur
  • Balans 2012
Milieudruk op natuur is afgenomen maar blijft een knelpunt voor het duurzaam behoud van planten en dieren.lees meer
Verdroging (2013)
  • Balans 2012
Voortgang in verdrogingsbestrijding blijft moeizaamlees meer