Balans van de Leefomgeving

Natuur

Hoofdpunten

  • Natuurkwaliteit

    De gemiddelde kwaliteit van de Nederlandse natuur, op land en in zoetwater, is jarenlang achteruitgegaan; dat proces is inmiddels gekeerd. Van bestendig herstel is echter nog geen sprake. In het agrarische gebied is de trend bijvoorbeeld nog negatief. De ruimtelijke, water- en milieucondities voor natuur zijn landelijk nog onvoldoende om de binnen Europa afgesproken natuurdoelen te bereiken.
  • Beleid voor natuurkwaliteit

    Voor het structureel verbeteren van de natuurkwaliteit is het nodig om natuurbeleid, (inter)nationaal milieu-, water-, en landbouwbeleid beter op elkaar af te stemmen. Er is daarbij generiek beleid nodig dat ruimte biedt om in natuurgebieden met beheer condities te verbeteren en efficiënt biodiversiteitsdoelen te halen. Zo is er verder- gaand stikstofbronbeleid met strengere normen nodig om de stikstofbelasting van natuur structureel te verminderen. Daarnaast kunnen investeringen in verduurzaming van de landbouw, het waterbeheer, de stedenbouw en klimaatadaptatie meer in combinatie worden gedaan met ingrepen die de condities voor natuur verbeteren. Afstemming en integraliteit zijn ook nodig binnen het natuurbeleid om de biodiversiteitsdoelen te realiseren in samenhang met andere beleidsambities, die zijn gericht op het duurzaam benutten en beleven van natuur, en op het versterken van maatschappelijke betrokkenheid bij natuur.
  • Maatschappelijke initiatieven

    De Rijksoverheid vindt maatschappelijke betrokkenheid bij natuur belangrijk. En de samenleving is zich al op meer manieren gaan bezighouden met natuur. Die maat- schappelijke betrokkenheid uit zich in een grote diversiteit aan groene activiteiten en initiatieven. Burgerinitiatieven richten zich veelal op recreatief gebruik en beleving van groen. Bedrijven die duurzaam ondernemen richten zich vooral op een duurzaam gebruik van grondstoffen en het reduceren van hun milieudruk. Verschillende van deze maatschappelijke activiteiten en initiatieven dragen bij aan het versterken van lokale natuur. Als het gaat om uitbreiding van de oppervlakte natuur, die nodig is om de doelen van de Vogel- en Habitatrichtlijnen te halen, lijkt de inbreng van maatschappelijke initiatieven echter bescheiden te zijn. Burgers spelen, samen met maatschappelijke organisaties, een belangrijke rol in de bescherming en het behoud van bestaande natuur en biodiversiteit. Het gaat daarbij om actieve soortbescherming,gegevensverzameling door vrijwilligers en particulier beheer van delen van het Natuurnetwerk Nederland. Dat de betrokkenheid van de samenleving bij natuur zich verbreedt, biedt mogelijk ook kansen voor bijdragen aan doelen in andere beleidsdossiers zoals klimaat, gezondheid en sociale cohesie.
  • Stimuleren maatschappelijke betrokkenheid

    De Rijksoverheid probeert maatschappelijke betrokkenheid te vergroten door groen ondernemerschap en burgerinitiatieven te faciliteren en stimuleren. Belangrijk hierbij is dat ze zich realiseert dat burgers en ondernemers vaak andere dan puur ecologische wensen en beelden hebben van natuur. De overheid kan maatschappelijke actoren helpen als ze haar verwachtingen over de bijdrage van groene initiatieven aan de versterking van natuur en natuurlijk kapitaal concreter maakt en de instrumentenmix daarop afstemt. Om groen te ontwikkelen zijn burgerinitiatieven geholpen met ondersteuning van overheden in het verkrijgen van geld, grond, (kennis)capaciteit en organiserend vermogen. Bedrijven hebben behoefte aan investeringszekerheid en kaders voor de lange termijn. Voor het vergroten van groen ondernemerschap is het belangrijk niet alleen koplopers te ondersteunen maar zijn ook instrumenten nodig die achterblijvers helpen om duurzaam ondernemen aantrekkelijk te maken. Voorbeelden van dergelijke maatregelen zijn prijsprikkels, belastingvoordelen en duurzame publieke aanbestedingen.
  • Governance

    De Rijksoverheid probeert maatschappelijke betrokkenheid te vergroten door groen ondernemerschap en burgerinitiatieven te faciliteren en stimuleren. Belangrijk hierbij is dat ze zich realiseert dat burgers en ondernemers vaak andere dan puur ecologische wensen en beelden hebben van natuur. De overheid kan maatschappelijke actoren helpen als ze haar verwachtingen over de bijdrage van groene initiatieven aan de versterking van natuur en natuurlijk kapitaal concreter maakt en de instrumentenmix daarop afstemt. Om groen te ontwikkelen zijn burgerinitiatieven geholpen met ondersteuning van overheden in het verkrijgen van geld, grond, (kennis)capaciteit en organiserend vermogen. Bedrijven hebben behoefte aan investeringszekerheid en kaders voor de lange termijn. Voor het vergroten van groen ondernemerschap is het belangrijk niet alleen koplopers te ondersteunen maar zijn ook instrumenten nodig die achterblijvers helpen om duurzaam ondernemen aantrekkelijk te maken. Voorbeelden van dergelijke maatregelen zijn prijsprikkels, belastingvoordelen en duurzame publieke aanbestedingen.

Lees verder

Evaluatie van het natuurbeleid

Het PBL heeft geëvalueerd wat de effecten zijn van het beleid voor natuur. In hoeverre zijn bijvoorbeeld de beleidsdoelen gehaald voor de instandhouding soorten en habitattypen? En hoe staat het met de ontsnipperende maatregelen bij infrastructuur? Kan de overheid nog meer doen om de beleidsdoelen te halen? Onderstaande stoplichten geven een bondig overzicht van de mate waarin doelen naar verwachting tijdig worden gehaald. Een uitgebreidere analyse vindt u door te klikken op de link “lees meer”.

groenUitvoering van het beleid leidt waarschijnlijk tot het halen van het doel
geelGeraamde ontwikkeling ligt rond het doel, beleid zou robuust gemaakt kunnen worden voor tegenvallers
oranjeGeraamde ontwikkeling leidt waarschijnlijk niet tot het halen van het doel, met intensivering van het beleid is het doel wel realiseerbaar
roodGeraamde ontwikkeling leidt waarschijnlijk niet tot het halen van het doel, vraagt fundamentele herziening van de huidige aanpak door andere beleidsinstrumenten in te zetten of door doelen aan te passen
grijsOp dit moment niet te bepalen
witDeze analyse is niet uitgevoerd

Natuur

Natuurnetwerk Nederland (2027)
  • Balans 2014
  • Balans 2016
  • Balans 2017
  • Balans 2018
"Doelstelling Natuurnetwerk Nederland (NNN, voormalig EHS) is recent herzien in het Natuurpact; het areaal NNN neemt toe."lees meer
Doelstelling Natuurnetwerk Nederland (NNN, voormalig EHS) uit het Natuurpact is om tussen 2011 en 2027 80.000 ha natuur in te richten. Daarvan is tussen 2011 en 2014 ruim 25.000 ha ingericht. In de evaluatie van het Natuurpact analyseert het PBL de realisering van het NNN als een belangrijk onderdeel van het provinciale natuurbeleid. Hierover wordt begin 2017 gerapporteerd.lees meer
Met het beschermen en vergroten van ecosystemen en leefgebieden van soorten wordt gestreefd naar verbetering van de ruimtelijke en milieucondities die nodig zijn voor duurzaam behoud van biodiversiteit. Het Rijk en de provincies hebben in het Natuurpact afgesproken om in het Natuurnetwerk Nederland (NNN, voormalig EHS) tussen 2011 en 2027 minimaal 80.000 ha nieuwe natuur te realiseren, waarvan de helft nog moet worden verworven, dan wel van functie veranderen. Tussen 2011 en 2015 is ruim 28.000 ha ingericht. Hoewel met de huidige provinciale plannen ruim in de gestelde opgave van 80.000 hectare is voorzien, is de verwachting dat verwerving en functiewijziging van gronden voor nieuwe natuur nog lastig zullen worden omdat de medewerking van grondeigenaren vaak ontbreekt.lees meer
Met het beschermen en vergroten van ecosystemen en leefgebieden van soorten wordt gestreefd naar verbetering van ruimtelijke en milieucondities die nodig is voor duurzaam behoud van biodiversiteit. Doelstelling is om in het Natuurnetwerk Nederland (NNN, voormalig EHS) tussen 2011 en 2027 minimaal 80.000 hectare nieuwe natuur te realiseren, waarvan de helft in 2011 nog moet worden verworven, dan wel van functie moest veranderen. Tussen 2011 en 2017 is ruim 33.000 hectare ingericht en ruim 15.000 hectare verworven en van functie gewijzigd. Hoewel met de huidige provinciale plannen ruim in de gestelde opgave van 80.000 hectare is voorzien, is de verwachting dat verwerving en functiewijziging van gronden voor nieuwe natuur nog lastig zullen worden, onder andere vanwege de afhankelijkheid van medewerking van grondeigenaren.lees meer
Milieucondities natuur
  • Balans 2014
  • Balans 2016
  • Balans 2017
  • Balans 2018
Milieudruk op natuur is afgenomen, maar blijft boven het niveau voor een duurzaam behoud van planten en dieren.lees meer
De milieudruk op natuur is sinds 1990 afgenomen, maar een verbetering in milieucondities uit zich nog niet in de vegetatie.lees meer
Het beleid streeft naar verbetering van bodem-, water- en luchtcondities om biodiversiteit te herstellen en te behouden. De milieudruk is sinds 1990 flink verminderd door de gedaalde uitstoot van vervuilende stoffen. Echter, de druk op natuur, zoals stikstofdepositie, is nog te hoog en belemmert een duurzaam voorkomen van veel soorten en ecosystemen. Een te hoge milieudruk heeft blijvende gevolgen voor lokale bodem- en watercondities en vegetatieontwikkelingen. Uit de aanwezige vegetatie in verschillende ecosystemen in de periode 1999-2016 blijkt dan ook dat de lokale milieucondities voor landnatuur gemiddeld genomen zijn verslechterd. Verbeteringen zijn er wel in minder gevoelige gebieden en in gebieden waar herstel- en inrichtingsmaatregelen zijn uitgevoerdlees meer
Er wordt gestreefd naar verbetering van bodem-, water-en luchtcondities om biodiversiteit te herstellen en te behouden. De milieudruk is sinds 1990 flink verminderd door de gedaalde uitstoot van vervuilende stoffen. Echter, de druk op natuur, zoals stikstofdepositie, is nog te hoog voor een duurzaam voorkomen van veel soorten en ecosystemen. Een te hoge milieudruk heeft gevolgen voor lokale bodem- en watercondities en vegetatieontwikkelingen. Uit de aanwezige vegetatie in verschillende ecosystemen in de periode 1999-2017 blijkt dan ook dat de milieucondities voor landnatuur gemiddeld genomen zijn verslechterd. Het effect van lokale verbetering in milieucondities, bijvoorbeeld in gebieden waar (herstel)inrichtingsmaatregelen zijn uitgevoerd, werken niet zichtbaar door in deze landelijke trends. lees meer
Rode Lijst van bedreigde soorten
  • Balans 2014
  • Balans 2016
  • Balans 2017
  • Balans 2018
Er zijn minder soorten bedreigd en de bedreiging neemt gemiddeld genomen af.lees meer
Het beleid streeft ernaar dat de Rode Lijsten van bedreigde soorten korter en 'minder rood' worden. Na 2005 is het aantal soorten op de Rode Lijsten gemiddeld wat afgenomen, evenals de mate waarin ze worden bedreigd. De laatste jaren lijkt de afname niet door te zetten. lees meer
Het natuurbeleid heeft als doel dat de Rode Lijsten van bedreigde soorten korter en 'minder rood' worden. Na 2005 is het aantal soorten op de Rode Lijsten gemiddeld wat afgenomen, evenals de mate waarin ze worden bedreigd. Deze afname zet in de laatste jaren niet door. Nader onderzoek en monitoring zijn nodig om dit te bevestigen.lees meer
Het doel is dat de Rode Lijsten van bedreigde soorten korter en 'minder rood' worden. Ongeveer een derde van de Nederlandse dier- en plantensoorten is bedreigd. Tot 2005 nam het aantal bedreigde soorten licht toe. Na 2005 liep het aantal bedreigde soorten langzaam terug en daalde de mate van bedreiging licht. In de Balans van 2016 constateerden we dat deze ontwikkeling in lijn was met het doel, maar dat de afname in het aantal bedreigde soorten en de mate van bedreiging niet doorzette. De data uit 2017 wijzen uit dat het aantal bedreigde soorten en de mate van bedreiging zelfs wat zijn gestegen. Analyses in de komende jaren zullen moeten uitwijzen hoe de trend zich verder ontwikkelt. lees meer
Staat van instandhouding EU-soorten en habitattypen (2020)
  • Balans 2014
  • Balans 2016
  • Balans 2017
  • Balans 2018
Van veel soorten en natuurlijke habitats van de Europese Habitat- en Vogelrichtlijn is de staat van instandhouding in Nederland ongunstig.lees meer
Het operationele doel voor 2020 is dat twee keer zoveel beschermde habitattypen en de helft meer van de soorten uit de Habitatrichtlijn ten minste een gunstige of verbeterde staat van instandhouding laten zien ten opzichte van 2010. Bijna alle habitattypen hebben een zeer tot matig ongunstige staat van instandhouding. Van de Habitatrichtlijnsoorten verkeert ongeveer een kwart in een gunstige staat van instandhouding.lees meer
Het langetermijndoel van de Europese Vogel- en Habitatrichtlijnen is een gunstige staat van instandhouding van soorten en habitattypen. Daarnaast is vanuit de Europese Biodiversiteitsstrategie de doelstelling voor de korte termijn (2020) dat de achteruitgang van soorten en habitattypen wordt gestopt en hun staat significant verbetert. Bijna alle habitattypen hebben een zeer tot matig ongunstige staat van instandhouding. Van de Habitatrichtlijnsoorten verkeert ongeveer een kwart in een gunstige staat van instandhouding.lees meer
Het langetermijndoel van de Europese Vogel- en Habitatrichtlijnen is een gunstige staat van instandhouding van soorten en habitattypen. Daarnaast is vanuit de Europese Biodiversiteitsstrategie de doelstelling voor de korte termijn (2020) dat de achteruitgang van soorten en habitattypen wordt gestopt en hun staat significant verbetert. Bijna alle habitattypen hebben een zeer tot matig ongunstige staat van instandhouding. Van de Habitatrichtlijnsoorten verkeert ongeveer een kwart in een gunstige staat van instandhouding.lees meer
Ecosysteemkwaliteit land en water
  • Balans 2014
  • Balans 2016
  • Balans 2017
  • Balans 2018
Sinds 1994 is de gemiddelde kwaliteit van veel typen natuur achteruitgegaan. De laatste jaren neemt de mate van achteruitgang echter af.lees meer
De gemiddelde ecosysteemkwaliteit, in natuurgebieden op het land, lijkt de laatste jaren iets toe te nemen. In gebieden met een hoge ecosysteemkwaliteit treedt nog achteruitgang op.lees meer
De gemiddelde (ecosysteem)kwaliteit van natuurgebieden op het land, afgemeten aan het voorkomen van soorten neemt de laatste jaren iets toe. In gebieden met een hoge ecosysteemkwaliteit treedt nog achteruitgang op.lees meer
De jarenlange achteruitgang in kwaliteit van de Nederlandse zoetwater- en landnatuur is gemiddeld gekeerd, maar van bestendig herstel is nog geen sprake. De natuurkwaliteit van regionale oppervlaktewateren verbetert sinds 1990. Op land neemt de natuurkwaliteit de laatste jaren gemiddeld niet verder af, maar ook niet duidelijk toe. De huidige kwaliteit van water- en landecosystemen is relatief laag als die wordt afgezet tegen een maatlat van intacte natuur.lees meer
Ecologische barrières door aanleg nationale infrastructuur (2018)
  • Balans 2014
  • Balans 2016
  • Balans 2017
  • Balans 2018
Nog onduidelijkheid over de oplossing van knelpunten in voormalige Robuuste Verbindingen.lees meer
Begin 2016 waren 99 van de 215 in het Meerjarenprogramma Ontsnippering opgenomen knelpunten geheel opgelost en 51 gedeeltelijk opgelost. In 2015 is het aantal binnen het programma op te lossen knelpunten herzien en is het doel bijgesteld naar 178. In 2018 zijn naar verwachting 168 knelpunten opgelost. De herziene doelstelling is met de huidige planning net buiten bereik.lees meer
Het doel is de ruimtelijke samenhang tussen natuurgebieden te verbeteren en daarnaast lokale knelpunten in versnippering binnen gebieden als gevolg van rijksinfrastructuur op te lossen. Eind 2016 waren in totaal 107 van de 215 in het Meerjarenprogramma Ontsnippering op-genomen knelpunten geheel opgelost en 44 gedeeltelijk opgelost. In 2015 is het aantal binnen het program-ma op te lossen knelpunten herzien en is het doel bijge-steld naar 178. Eind 2018 zijn naar verwachting 159 knelpunten opgelost. De herziene doelstelling wordt niet tijdig gehaald (eind 2018), maar er is beleid ingezet om de resterende knelpunten na 2018 op te lossen.lees meer
Het streven is verbetering van de ruimtelijke samenhang tussen natuurgebieden en daarnaast het oplossen van lokale knelpunten door versnippering binnen gebieden als gevolg van rijksinfrastructuur. Eind 2017 waren er in totaal 114 van de 178 in het Meerjarenprogramma Ontsnippering opgenomen knelpunten geheel opgelost en 46 gedeeltelijk opgelost. Eind 2018 zijn naar verwachting 159 knelpunten opgelost. De herziene doelstelling wordt niet tijdig gehaald (eind 2018) maar beleid is ingezet om het merendeel van de resterende knelpunten na 2018 op te lossen.lees meer