Balans van de Leefomgeving

Verstedelijking en wonen

Hoofdpunten

  • Verstedelijking

    Nabijheid, netwerken en agglomeratievoordelen

    Door de sterke groei van bevolking en werkgelegenheid in de stad is de nabijheid tussen inwoners en bedrijven toegenomen. De sterke groei van het woon-werkverkeer tussen steden onderling wijst op het ontstaan en verstevigen van stedelijke netwerken. Beide processen (stedelijke concentratie en versterking van het netwerk) dragen, naast onder andere een stijgend opleidingsniveau van de bevolking en een hoog voorzieningenniveau, bij aan agglomeratievoordelen. Het verder versterken van agglomeratievoordelen is voor een belangrijk deel een regionale beleidsopgave.

    Ruimte voor binnenstedelijk bouwen

    Door de sterke groei van bevolking en werkgelegenheid in de stad is de nabijheid tussen inwoners en bedrijven toegenomen. De sterke groei van het woon-werkverkeer tussen steden onderling wijst op het ontstaan en verstevigen van stedelijke netwerken. Beide processen (stedelijke concentratie en versterking van het netwerk) dragen, naast onder andere een stijgend opleidingsniveau van de bevolking en een hoog voorzieningenniveau, bij aan agglomeratievoordelen. Het verder versterken van agglomeratievoordelen is voor een belangrijk deel een regionale beleidsopgave.

    Complexe ontwerpopgave

    Verstedelijkingsbeleid gaat gepaard met een complexe ontwerpopgave, zowel bij binnenstedelijk bouwen als bij stadsuitbreiding. Voor een goede bereikbaarheid is afstemming tussen verstedelijking en verkeersinfrastructuur cruciaal. Daarnaast spelen bij verstedelijkingskeuzes ook nieuwe eisen een rol, die voortkomen uit opgaven rond verduurzaming, circulaire economie en klimaatadaptie. Om dat alles ook nog te combineren met een gezonde leefomgeving en voldoende ruimtelijke kwaliteit zullen de verschillende belangen en claims moeten worden afgewogen.

    Dé forens bestaat niet

    Het woon-werkverkeer vindt plaats op verschillende stedelijke schaalniveaus. Er is een grote groep, waaronder veel lager opgeleiden en parttimers, die in dezelfde plaats woont en werkt. Middelbaar opgeleiden pendelen vooral binnen het klassieke stadsgewest: tussen het ommeland en werklocaties in de centrale stad. De hoger opgeleiden ten slotte, pendelen vooral op het niveau van stedelijke netwerken, van stad naar stad. Omdat verschillende groepen, maar ook verschillende economische sectoren, zich begeven in andere netwerken en op andere schaalniveaus, kunnen ruimtelijke of infrastructurele maatregelen om de bereikbaarheid te verbeteren voor hen ook heel verschillend uitpakken. Het is belangrijk voor beleid om hier rekening mee te houden. Zo bedient verbetering van de bereikbaarheid tussen steden een economisch belangrijke maar relatief wat kleinere groep forenzen, terwijl verbetering van de bereikbaarheid binnen regio’s juist voor de grootste groep werknemers van belang is.

  • Woningmarkt

    Gespannen woningmarkt

    De gespannen woningmarkt en de verwachte toename van het aantal huishoudens maken in veel regio’s een grotere woningvoorraad noodzakelijk. De verantwoordelijkheid voor de kwaliteit en kwantiteit van nieuwe woningen ligt bij lokale actoren, waaronder lokale overheden; de Rijksoverheid heeft binnen de huidige kaders geen beleidsmatige handvatten om de woningproductie op korte termijn sterk te verhogen. Gemeenten hebben daarbij een belangrijke verantwoordelijkheid om onderbenutting van reeds bestaande harde plancapaciteit te voorkomen, juist ook op binnenstedelijke locaties. Er bestaat geen silver bullet voor de problemen op de woningmarkt: woningbouw is een langdurig en complex proces en heeft op de korte termijn weinig invloed op woningprijzen.
    Lees meer…

    Plancapaciteit nieuwbouw

    De woningbouwopgave is onder invloed van demografische ontwikkelingen in toenemende mate regionaal verschillend. Vooral in, en ook rond, de grote steden moet nog flink worden gebouwd om de verwachte toename van het aantal huishoudens een plek te kunnen geven. De noodzaak om de bouwproductie te verhogen, gaat gepaard met de wens voor binnenstedelijk bouwen en, indien dat niet mogelijk is, nieuwbouw aan de randen van de stad. In sommige regio’s met veel verwachte groei, zoals Utrecht, ontbreekt het aan plancapaciteit. In enkele regio’s met een beperkte groei daarentegen, is er nu al een overmaat aan plancapaciteit. Beleidsmakers in zulke regio’s doen er verstandig aan de woningbouwopgave flexibel in te vullen, deze te koppelen aan de verduurzamingsopgave en ook onttrekking in overweging te nemen.
    Lees meer…

    Toegang tot de woningmarkt

    De toename van het aantal huishoudens en het economisch herstel leiden tot meer druk op de woningmarkt en stijgende prijzen. Hierdoor hebben steeds meer huishoudens beperkte toegang tot de woningmarkt. Vooral in stedelijke woningmarkten is de vraag naar huurwoningen in het middensegment toegenomen, terwijl een deel van de huishoudens die op dit segment zijn aangewezen daar te weinig betaalruimte voor heeft. Hoewel het belang en de effecten van maatregelen op de lange termijn niet uit het oog moeten worden verloren, neemt de druk dusdanige vormen aan dat er ook kortetermijnoplossingen nodig zijn. Lokaal kunnen corporaties huishoudens met (lagere) middeninkomens, in samenspraak met de gemeente en huurders, helpen binnen de regels van de Woningwet en staatssteun. De Rijksoverheid zou aanvullend de tijdelijke verhoging van de inkomensgrens voor toegang tot de sociale huursector kunnen verlengen. Ook de koopsector blijft voor woningzoekenden met een middeninkomen van belang: een van overheidswege verdere aanscherping van de leennormen kan op korte termijn de toegankelijkheid van de woningmarkt beperken, vooral voor starters met een middeninkomen.
    Lees meer…

    Aanpassen bestaande woningen

    Een andere grote, kwalitatieve opgave voor de woningmarkt hangt samen met de vergrijzing (levensloopbestendige woningen) en de noodzakelijke verduurzaming van de woningvoorraad. Dit raakt niet alleen de nieuwbouw, maar vooral ook de bestaande voorraad. Corporaties investeren fors in verduurzaming, maar ook nieuwbouw, het geschikt maken van woningen voor ouderen en betaalbaarheid leggen een claim op hun bestedingsruimte. Voor veel eigenaren-bewoners zijn er vooralsnog onvoldoende (financiële) prikkels om de eigen woning te verduurzamen, investeringen die ook zij afwegen tegen andere wensen en behoeften. Zo moeten oudere eigenaren-bewoners, geheel of gedeeltelijk, zelf investeren in het aanpassen en levensloopbestendig maken van hun woning. Het is daarom twijfelachtig of de noodzakelijke opschaling naar circa 300.000 jaarlijks te verduurzamen woningen zonder innovatie of extra beleid haalbaar is.
    Lees meer…

Lees verder

groenUitvoering van het beleid leidt waarschijnlijk tot het halen van het doel
geelGeraamde ontwikkeling ligt rond het doel, beleid zou robuust gemaakt kunnen worden voor tegenvallers
oranjeGeraamde ontwikkeling leidt waarschijnlijk niet tot het halen van het doel, met intensivering van het beleid is het doel wel realiseerbaar
roodGeraamde ontwikkeling leidt waarschijnlijk niet tot het halen van het doel, vraagt fundamentele herziening van de huidige aanpak door andere beleidsinstrumenten in te zetten of door doelen aan te passen
grijsOp dit moment niet te bepalen
witDeze analyse is niet uitgevoerd

Wonen

Beschikbaarheid woningen
  • Balans 2016
In stedelijke regio's neemt het woningtekort in de laatste jaren toe. Dit komt tot uiting in de weer snel stijgende woningprijzen, vooral in en rond Amsterdam en Utrecht. Ook de wachttijden voor huurwoningen zijn fors en in de laatste jaren weer toegenomen, met name in de Noordvleugel van de Randstad.lees meer
Betaalbaarheid wonen
  • Balans 2016
In 2015 had 18% van de huurders en 3% van de huiseigenaren een betaalrisico. Het aantal huurders met een betaalrisico is in de afgelopen jaren verder opgelopen. Daarnaast is het aandeel eigenaren-bewoners met een potentiele restschuld in 2015 circa 1 miljoen (bijna 28%). Ondanks de, sinds medio 2013, stijgende woningprijzen duurt het nog jaren voordat alle huidige 'onder water staande' koopwoningen weer 'boven water staan'. Die prijsontwikkeling verschilt overigens per regio.lees meer
Kwaliteit woningvoorraad (energetische kwaliteit)
  • Balans 2016
De bouwkundige kwaliteit van de woningvoorraad is goed te noemen, de tevredenheid onder bewoners over hun woning is hoog. Wel ligt er voor de grote voorraad huurwoningen gebouwd in 1945-1990 een woningverbeteringsopgave, vooral voor het energieverbruik. Het aandeel huurwoningen met minimaal een B-label is tussen 2011 en 2014 toegenomen van 14% naar 24%, maar afspraken over het energiezuiniger maken zijn vertraagd.lees meer