Bedrijven willen aan de slag met natuur en landschap
Er is nog een wereld te winnen in de samenwerking tussen natuurorganisaties en bedrijven. Zeker nu minder overheidsgeld naar natuur gaat, en bedrijven het steeds belangrijker vinden dat hun imago positief blijft. Dat concludeert het LEI (WUR) in een onderzoek voor de Natuurverkenning.
De onderzoekers bekeken op welke manieren en met welke motieven bedrijven en natuurorganisaties nu samenwerken. De conclusie is dat natuurorganisaties zich veel sterker zouden kunnen profileren als interessante partner voor bedrijven. De vraag is echter of natuurorganisaties de vanuit bedrijven gewenste unique buying reasons communiceren of vooral de unique selling points van hun eigen behaalde (ecologische) doelstellingen etaleren. Meer reflectie en communicatie over de betekenis van de activiteiten van natuurorganisaties voor de regio kunnen hieraan een flinke bijdrage leveren.
Natuur en biodiversiteit ook belangrijk voor bedrijven
Ook kunnen natuurorganisaties duidelijker maken dat natuur en biodiversiteit mede belangrijk zijn voor bedrijven. Bedrijven zullen zich de komende jaren steeds meer realiseren dat zij niet alleen impact hebben op natuur, maar ook afhankelijk zijn van (schaarse) biodiversiteit en ecosysteemdiensten als schoon water en lucht. Door dit nadrukkelijker te communiceren, zullen bedrijven eerder geneigd zijn om zich op een of andere manier te verbinden aan een natuurorganisatie. Het is dan ook niet toevallig dat het Nederlandse bedrijfsleven en ruim 30 natuurorganisaties via de oprichting van het Platform Biodiversiteit en Bedrijfsleven samen naar mogelijkheden willen gaan zoeken om het verlies van biodiversiteit tegen te gaan.
Auteurs: Greet Overbeek en Bette Harms (LEI, WUR)
Literatuur
- Overbeek, M.M.M. & B. Harms (2011) Bedrijven aan de slag met natuur en landschap. WOT Natuur & Milieu, Wageningen. WOt-paper 5
- Harms, B. & M.M.M. Overbeek (2011) Bedrijven aan de slag met natuur en landschap; relaties tussen bedrijven en natuurorganisaties. Achtergronddocument bij Natuurverkenning 2011. WOT Natuur & Milieu, Wageningen. WOt-werkdocument 237