Balans van de Leefomgeving
Balans van de Leefomgeving 2010

Verduurzamen handelsketens vraagt meer dan certificeren

Om de achteruitgang van de biodiversiteit wereldwijd te remmen, kan het beleid inzetten op verduurzaming van internationale handelsketens. Dat gaat verder dan de certificering van handelsketens. Naast handhaving is ook het tegengaan van illegaal geproduceerde goederen van belang. Aan de consumptiekant is aandacht nodig voor reductie van de vraag naar producten, in een wereld waarin de bevolking groeit en economische welvaart toeneemt. Ten slotte kan er meer aandacht komen voor een ecoregionale ontwikkeling, waar naast bescherming van de biodiversiteit ook aandacht is voor ontwikkeling van de lokale economie.

Foto Wilbert van Rooij

Foto Wilbert van Rooij

Behoud biodiversiteit door verduurzaming internationale handelsketens

De Nederlandse economie en de consumptie van de Nederlandse bevolking staan niet los van de rest van de wereld. We importeren producten en grondstoffen uit het buitenland ten behoeve van de consumptie en de export. Om productie en consumptie duurzamer te maken, zet het beleid vooral in op certificering van internationale handelsketens.
Om de achteruitgang van de biodiversiteit wereldwijd te remmen, is beleid nodig dat verdergaat dan de certificering van handelsketens. Ten eerste is naast handhaving ook het tegengaan van illegaal geproduceerde goederen van belang, bijvoorbeeld hout dat in tropische bossen met beschermde status is gekapt. Ten tweede is aan de consumptiekant aandacht nodig voor reductie van de vraag naar producten, in een wereld waarin de bevolking groeit en economische welvaart toeneemt. Ten slotte kan er meer aandacht komen voor een ecoregionale ontwikkeling, waar naast bescherming van de biodiversiteit ook aandacht is voor ontwikkeling van de lokale economie.

Certificering van handelsketens kent enkele plafonds

Vrijwillige certificering zal niet de hele sector bereiken, omdat de bereidheid tot betalen voor duurzaam geproduceerde en verhandelde producten een limiet kent. Ook wordt de groei van het consumptievolume door de certificering niet aangepakt. Vrijwillige certificering heeft meerwaarde voor behoud en duurzaam gebruik van biodiversiteit, maar kan de mondiale achteruitgang van natuur en biodiversiteit als geheel niet stoppen. Dit is vooral het geval als de certificering plaatsvindt op de gangbare productiewijze.
Verduurzaming van de handelsketens vraagt bovendien om Europese en internationale afspraken. De mogelijkheden van Nederland voor verduurzaming van de productie van grondstoffen wordt beperkt door de toenemende internationale concurrentie. Nederland heeft wel een stem binnen de EU en kan via Europese kaders in de WTO-onderhandelingen invloed uitoefenen op het gebied van verduurzaming van handelsketens.

Ecoregionale benadering biedt kansen

Verduurzaming van handelsketens vraagt om ruimtelijke planning in de productiegebieden. Het rijksbeleid voor een Nederlandse bijdrage aan de bescherming van de internationale biodiversiteit is vertaald in een streven naar duurzame regionale ontwikkeling. Dit is de zogenaamde ecoregionale benadering voor synergie tussen economische ontwikkeling, duurzaam beheer van natuurlijke hulpbronnen en biodiversiteitsbescherming. De samenwerking met maatschappelijke partners loopt via economische activiteiten zoals toerisme en handelsketens.
Ruimtelijke planning moet leiden tot een duurzaam beschermd ecologisch netwerk met veilige migratieroutes voor dieren en onderling verbonden ecosystemen met hoge biodiversiteitswaarde. Ervaring op het gebied van ecologische netwerken in Nederland dient als basis voor de ontwikkeling van ecologische netwerken wereldwijd. Ook wordt de ontwikkeling van de (arme) lokale bevolking meegenomen en gekoppeld aan diensten en markten die het gebied ontstijgen. Politieke afstemming en administratieve afhandeling zijn lastig omdat het aantal belangengroepen groot is en co√∂rdinatie nodig is tussen internationaal overleg, nationale overheden en lokaal bestuur. Er ontstaat een coherente uitwerking van Haags beleid naar concrete uitvoering via ambassades en een interdepartementale strategie richting de regio’s.