Balans van de Leefomgeving
Balans van de Leefomgeving 2010

Verstedelijking

Op wereldschaal groeien de steden en loopt het platteland leeg. In de westerse wereld is echter ook een tegengestelde ontwikkeling te zien: wonen, werken en voorzieningen spreiden, verdunnen en sorteren uit. Internationaal staat dit proces bekend als urban sprawl. Dit autonome proces is bevorderd doordat de keuzevrijheid voor woonplaats en bedrijfsvestiging is vergroot, met name door de sterk toegenomen welvaart en mobiliteit. Mede hierdoor wonen veel mensen ruim in een relatief schone, groene en rustige omgeving. Ook in Nederland is deze ontwikkeling al vijftig jaar zichtbaar.

Er zijn echter ook nadelen aan deze urban sprawl. In Nederland gaat het vooral om drie effecten:

  • De (auto)mobiliteit is toegenomen en daarmee ook de belasting van de leefomgeving.
  • De leefbaarheid van stadsdelen, wijken of buurten is onder druk komen te staan.
  • Waardevolle cultuurlandschappen en natuurgebieden zijn verloren gegaan, versnipperd of hebben aan kwaliteit ingeboet.

De ruimtelijke ordening beoogt onder meer deze nadelige effecten tegen te gaan. In de Nota Ruimte is deze ambitie verwoord in één van de vier hoofddoelen: bevordering van krachtige steden en een vitaal platteland. In de Structuurvisie Randstad 2040 kiest de regering onder meer voor krachtige, duurzame steden. De belangrijkste beleidsstrategieën om de steden te versterken, zijn bundelen/verdichten en vernieuwen/mengen.

De negen belangrijkste conclusies over verstedelijking zijn:

  • Bundeling en verdichting van wonen gaat beter; toekomst onzeker

    De afgelopen jaren zijn de rijksdoelen voor bundeling en verdichting van
    wonen steeds meer binnen bereik gekomen, vooral in gebieden waar de
    koopkrachtige vraag naar woningen groot is. Weliswaar is de
    bevolkingsdichtheid in steden de afgelopen jaren afgenomen, maar dankzij
    bundeling en verdichting is dit minder snel gegaan.

  • Verdichtingsdoel werken niet gehaald

    De doelen voor bundelen en verdichten van werklocaties zijn de afgelopen
    jaren niet gehaald. Vooral de verwachting dat nieuwe werklocaties buiten
    bestaand bebouwd gebied betere mogelijkheden bieden voor de ontwikkeling
    van de bedrijvigheid én de concurrentie met woningbouw spelen hierbij een
    rol.

  • Bouwen in stedelijke leefomgeving

    Meer bouwen binnen de stad hoeft de kwaliteit van de leefomgeving niet te verslechteren

  • Bundeling en verdichting heeft natuur en landschap gespaard

    Bundeling en verdichting van de verstedelijking heeft er aan bijgedragen
    dat natuur en landschap zijn gespaard. Er is minder gebouwd in het
    buitengebied.

  • Luchtbeleid werkt, maar is onvoldoende gericht op bescherming gezondheid

    De concentraties van deeltjesvormige luchtverontreiniging dalen al enkele
    decennia, vooral dankzij het bronbeleid voor onder andere het verkeer.
    Ondanks een langjarige neerwaartse trend blijft de luchtkwaliteit langs
    drukke wegen in steden aandacht vragen.

  • Bewoners Randstad minder tevreden met stedelijk groen

    In sommige steden en nieuwbouwwijken in de Randstad zijn bewoners minder tevreden over het groen in en om de stad. De aanleg van extra groen loopt echter achter bij de doelen. Bewoners waarderen het groen in de nabijheid van hun woning het meest.

  • Versterken ruimtelijk ontwerp en planvorming, vooral op regionale schaal

    Ruimtelijk ontwerp, planvorming op en afweging van verstedelijking op regionale schaal kan de samenhang tussen projecten aanzienlijk versterken.

  • Meer aandacht schenken aan ontwerp en inrichting van de openbare ruimte

    Aandacht voor het ontwerp van de openbare ruimte en het landschap van de stadsrand én voldoende middelen voor de kwalitatief hoogwaardige inrichting van straten, parken en groen in de stadsrand zijn belangrijkere voorwaarden voor een groter gebruik van en een hogere waardering voor het stedelijk groen dan investering in meer en bereikbaar groen.

  • Risico’s van laagconjunctuur niet uit het oog verliezen

    Het beleid voor versterking en leefbaarheid van de steden zal onder druk komen te staan door de economische recessie. Daarmee is het de vraag of het beleid de huidige en toekomstige opgave op dit gebied kan volbrengen. We signaleren twee risico’s. Om te beginnen kunnen sommige steden of wijken minder aantrekkelijk worden doordat investeringen in vernieuwing achterblijven. Hierdoor kan de waarde van het vastgoed bovengemiddeld afnemen zodat de inkomsten van gemeenten nog verder teruglopen. Tot slot kan de druk toenemen om grootschalig te bouwen in beschermde waardevolle cultuurlandschappen (nationale landschappen) in de nabijheid van grote steden.

Evaluatie van het beleid voor verstedelijking

Het PBL heeft geëvalueerd wat de effecten zijn van het verstedelijkingsbeleid. Zijn er bijvoorbeeld voldoende woningen gebouwd binnen het bestaand stedelijk gebied? Heeft het beleid ertoe bijgedragen dat de leefbaarheid in probleemwijken is verbeterd? Kan de overheid nog meer doen om de beleidsdoelen te halen? Heeft het  verstedelijkingsbeleid, zoals ‘bundeling en verdichting’, een positief neveneffect op het landschap en de natuur? Antwoorden op deze en andere vragen, en aanvullende informatie, staan op de volgende pagina’s: