Balans van de Leefomgeving

Doelstellingen voor bodemsanering zijn haalbaar

De doelstelling voor bodemsanering is dat in 2015 de risico’s zijn weggenomen op alle spoedlocaties (locaties met directe risico’s voor de mens). Het huidige tempo is voldoende om deze doelstelling te halen.

Huidige tempo voldoende om voor 2015 alle spoedlocaties te saneren

In 2009 zijn op bijna tweeduizend locaties bodemsaneringen afgerond (RIVM, 2010). Het totale aantal afgeronde saneringen laat de laatste jaren een stijgende trend zien. Hiervan had 5 tot 7% betrekking op (potentiĆ«le) spoedlocaties. De overige locaties waren wel ernstig verontreinigd, maar vormden geen spoedlocaties. Hier was een gebruikswijziging (bouw of herinrichting) de reden voor sanering. Het huidige tempo is voldoende om voor 2015 alle spoedlocaties met risico’s voor de mens te saneren. Als de uitvoering wat meer wordt toegespitst op spoedlocaties, dan kunnen ook alle andere spoedlocaties (verspreiding en ecologische risico’s) worden gesaneerd. Voor het halen van de doelstelling zijn echter ook meer tijdelijke maatregelen geaccepteerd. De doelstelling voor 2015 lijkt daarom haalbaar. De haalbaarheid hangt nog wel af van het werkelijke aantal spoedlocaties (dat nog moet worden vastgesteld), mogelijk optredende uitvoeringsproblemen en het tempo van de herinrichting van landelijke en stedelijke gebieden en bedrijventerreinen.
Over de afgelopen jaren kan een duidelijke toename worden geconstateerd van saneringen in gebieden die van bijzonder belang zijn voor ecologie en grondwater. De toegenomen inspanning is onder andere ingegeven door de doelstellingen uit de Kaderrichtlijn Water (KRW). In de afgelopen jaren hebben de bevoegde overheden samen met de waterleidingbedrijven de aanpak van bodemverontreiniging in grondwaterbeschermingsgebieden een duidelijke impuls gegeven.

Spoedlocaties bodemsanering

De locaties met risico’s bij het huidige bodemgebruik worden spoedlocaties genoemd. Bij de risicoanalyse van bodemverontreiniging worden drie soorten risico’s onderscheiden: humane risico’s, ecologische risico’s en risico’s op verspreiding van schadelijke stoffen naar het grond- en oppervlaktewater. De aanpak wordt voorafgegaan door onderzoek om vast te stellen om welke locaties het gaat. Dit onderzoek moet voor 2010 zijn afgerond. Eind 2009 is de schatting dat het om 4.800 tot 7.000 spoedlocaties zal gaan. De aanpak van spoedlocaties met risico’s voor de mens heeft de eerste prioriteit, naar verwachting zijn dit 1.200 tot 1.800 locaties. Meestal is de reden van spoed echter het verspreidingsrisico (dat van belang is voor de drinkwatervoorziening en de Kaderrichtlijn Water).

Doelstellingen bodemsanering

De hoofddoelstelling van het beleid is dat het huidige gebruik van de bodem vanaf 2015 zonder risico’s is. Bij ernstige bodemverontreiniging kan dit worden bereikt door saneren, door tijdelijke beheersmaatregelen of door het opleggen van gebruiksbeperkingen. Een verdergaande doelstelling is ervoor te zorgen dat de bodem ook geschikt wordt gemaakt voor eventueel nieuw, gewenst gebruik. De doelstelling om ook deze locaties voor 2030 te saneren, is inmiddels losgelaten. Het Rijk betaalt tot 2030 wel mee aan sanering van dergelijke locaties, om ruimtelijke en economische ontwikkeling te bevorderen.

Referenties