Balans van de Leefomgeving
Balans van de Leefomgeving 2010

Handelingsopties beleid voor steden

Versterken ruimtelijk ontwerp en planvorming, vooral op regionale schaal

Ruimtelijk ontwerp en planvorming op hogere schaalniveaus kunnen de samenhang en synergie tussen plekken en projecten versterken. Zo heeft de nieuwe Wet ruimtelijke ordening (Wro) als doel de sturende werking van het bestemmingsplan voor de ruimtelijke ontwikkeling te versterken. De eerste evaluatie van de Wro laat zien dat deze beoogde accentverlegging van projectbesluit naar bestemmingsplan al plaatsvindt, maar dat de bestemmingsplannen in kwestie meer reageren op dan anticiperen op ruimtelijke ontwikkelingen. Daarnaast is de planvorming op bovengemeentelijk, regionaal niveau van belang. De recente Staat van de Ruimte maakt duidelijk dat er nieuwe aanknopingspunten voor ruimtelijke planners en bestuurders ontstaan door naar de stad te kijken als een diversiteit van sterke plekken binnen een stedelijke regio en niet als een centrum met een periferie.

Gebiedsontwikkelingsplannen op hogere schaalniveaus meer integraal afwegen

Een kosten-batenanalyse van binnenstedelijke bouwlocaties kan, in combinatie met ruimtelijk ontwerp en planvorming op regionaal schaalniveau, een goed hulpmiddel zijn om te bepalen welke toekomstige mix van wonen, werken, wonen en (groen) voorzieningen het beste past bij de regionale wensen en mogelijkheden. Het gaat dus om de afweging van projectalternatieven op bovengemeentelijk niveau. Door alle effecten van een project in kaart te brengen, kunnen bestuurders een weloverwogen afweging maken. Een optie is bijvoorbeeld een te herstructureren werklocatie geschikt te maken voor een andere functie(combinatie) en de huidige functie elders onder te brengen; deze optie is echter niet aan de orde in het nieuwe beleid voor bedrijventerreinen.

Daarnaast zijn kosten-batenanalyses meer op het niveau van regionale plannen en provinciale structuurvisies toe te passen (zie bijvoorbeeld het Integraal Beleidsonderzoek Verstedelijking uit 2005). Wel is er een knelpunt bij de kosten-batenanalyses op projectniveau dat zich naar verwachting nog sterker voordoet bij toepassing op regionaal schaalniveau, namelijk het monetair waarderen van natuur en landschap.

Meer aandacht schenken aan ontwerp en inrichting van de openbare ruimte

Verbetering van de kwaliteit van de openbare ruimte (inclusief groen) in steden kan de leefbaarheid van steden en de gezondheid van inwoners verbeteren. De beste mogelijkheden doen zich voor bij nieuwbouw en herstructurering. Zo kunnen bij nieuwbouw stille gebieden worden gecreëerd door middel van afschermende bebouwing. Ruimtelijk mobiliteitsbeleid – waaronder toewijzing van verkeersluwe zones, milieuzonering en parkeerbeleid – verbetert ook de kwaliteit van de leefomgeving: het creëert bijvoorbeeld rust, minder uitlaatgassen en meer mogelijkheden tot bewegen. Buurten zijn tevens aantrekkelijk te maken voor fietsers en wandelaars door bouw in hoge dichtheden, met vooral meer voorzieningen op loopafstand. Tot slot maken hoge dichtheden intensief en hoogwaardig gebruik van de openbare ruimte mogelijk, inclusief goed ontworpen openbaar groen.

Beleid voor stedelijke vernieuwing staat onder druk laagconjunctuur

Minder investeringen in stedelijke vernieuwing en ontwerp en inrichting van de openbare ruimte (inclusief groen) kan leiden tot wijken waar bestaande of toekomstige leefbaarheidsproblemen en lokale milieuknelpunten ook in de toekomst blijven bestaan omdat niet voldoende is geïnvesteerd in de kwaliteit van de openbare ruimte en de woningvoorraad. Hierdoor kunnen wijken minder aantrekkelijk worden voor bewoners en woningen in deze wijken zelfs meer in waarde dalen dan elders. Naar verwachting is die kans het grootst in regio’s waar de woningmarkt en de werkgelegenheid minder dynamiek vertonen, zoals die rond Rotterdam en Almere.

Minder investeringen in bouwen in de stad kan leiden tot toenemende druk om grootschalig te bouwen in beschermde waardevolle cultuurlandschappen (nationale landschappen). In de huidige praktijk is bouwen op landbouwgrond immers goedkoper dan binnen bebouwd gebied. Dit risico is het grootst in gebieden waar de bestaande bouwplannen weinig ruimte voor uitleg bieden én waar veel harde ruimtelijke restricties voor natuur, milieu en veiligheid gelden, zoals het zuidelijke deel van de provincie Noord-Holland en de regio Utrecht.

Lees verder in de Balans van de Leefomgeving, pagina 130.