Balans van de Leefomgeving
Balans van de Leefomgeving 2010

Samenhang tussen beleid voor steden en ander beleid

Meer bouwen binnen stad hoeft kwaliteit leefomgeving niet te verslechteren

Meer bouwen binnen bebouwd gebied gaat niet per definitie gepaard met achteruitgang in de kwaliteit van de leefbaarheid van steden en de gezondheid van haar bewoners. Zo blijkt er in stedelijke woonmilieus geen relatie te bestaan tussen de dichtheid van de bebouwing en de mate van tevredenheid van bewoners met hun woonomgeving. Hetzelfde geldt voor de hoeveelheid groen per woning. Veel meer bepalend voor de tevredenheid blijken de sociale status van de buurt en de samenstelling van de woningvoorraad. Het gegeven dat dichtheid er dus niet toe lijkt te doen, betekent echter niet dat omwonenden niet ontevredener kunnen worden wanneer de dichtheid van de bebouwing in hun buurt verandert. Niet alleen kan een verandering op zichzelf al aanleiding geven tot minder tevredenheid, maar ook nu doen vormgeving en inrichting van de nieuwe situatie er weer toe. Vormgeving en inrichting van de openbare ruimte, inclusief groen en water, beïnvloeden de leefbaarheid en de gezondheid van de bewoners namelijk wel.

Wonen, werken en voorzieningen in steden zitten elkaar nog niet in de weg

De ruimtelijke ontwikkeling van woningbouw, werklocaties en voorzieningen in de afgelopen jaren wijst er niet op dat bundeling en verdichting van woningbouw de realisatie van andere beleidsdoelen voor wonen, werken en voorzieningen in de weg heeft gestaan: de woningbouwproductie was de afgelopen jaren op peil en er was voldoende ruimte voor de uitgifte van nieuwe werklocaties. Toch kan er in de toekomst meer spanning tussen de verschillende doelen ontstaan. Zo kan het recent aangescherpte beleid voor herstructurering van bedrijventerreinen een negatieve impact hebben op de mogelijkheden voor meer woningbouw binnen steden. De afgelopen jaren verdwenen er immers bedrijventerreinen, sportvelden en volkstuinen uit de stad dat meer woningbouw mogelijk maakte. De toekomstige keuzes bij herontwikkeling van binnenstedelijke locaties vraagt om een afweging tussen verschillende verstedelijkingsdoelen.

Bundeling en verdichting heeft natuur en landschap gespaard

Bundeling en verdichting van wonen, werken en voorzieningen hebben er aan bijgedragen dat minder natuurgebieden en waardevolle cultuurlandschappen zijn verdwenen, versnipperd of verrommeld. Zo is de waardering voor het Nederlandse landschap de afgelopen jaren hierdoor niet verminderd, maar waarschijnlijk iets toegenomen.

Tussen 2002 en 2008 is 37% van de uitbreiding van de totale woningvoorraad binnen bestaand bebouwd gebied terechtgekomen, van de uitbreiding in arbeidsplaatsen was dat 23%. We kunnen hieruit afleiden dat er minder buiten steden en dorpen gebouwd is dan zonder bundeling en verdichting het geval zou zijn geweest. De ruimtelijke ordening heeft daarmee voor een deel voorkomen dat meer open ruimte, natuurgebieden en waardevolle cultuurlandschappen zijn verdwenen.

Lees verder in de Balans van de Leefomgeving 2010