Balans van de Leefomgeving

Geluidreductiedoel voor wegverkeer wordt niet gehaald in 2010

U bekijkt momenteel een archief-versie van deze indicator. Deze indicator is inmiddels geactualiseerd. De actuele versie kunt u hier bekijken.

Stillere banden kunnen zorgen voor minder geluidproductie van het wegverkeer. De doelstelling om in 2010 een generieke reductie van de geluidsproductie te bereiken van 2 dB(A) is echter niet gehaald.

Monitoring wijst niet op afname van geluidemissie

Langdurende metingen tonen een vrijwel constante geluidemissie van voertuigen op locaties waar de omstandigheden niet veranderen (RIVM 2008). Het geluidreducerende effect van een verlaging van de snelheid van het verkeer en/of de aanleg van een stiller wegdek blijkt wel door deze langdurende metingen te kunnen worden vastgelegd.

Onderzoek in opdracht van Rijkswaterstaat wijst op een mogelijke toename van de geluidproductie van personenwagens (Peeters et al. 2009). Op basis van dit onderzoek laten de ministeries van VROM en VenW de emissiekentallen voor geluid van wegverkeer in de Reken- en meetvoorschriften valideren. In 2010 zal de validatie van de emissiekentallen worden afgerond. Hieruit moet blijken of er sprake is van een statistisch significante verandering van geluidemissie van voertuigen.

Doel voor 2010 wordt niet gehaald

Op basis van de bestaande meetgegevens is het hoogst onwaarschijnlijk dat er een afname in geluidemissie van 2 dB(A) zal worden geconstateerd in 2010.

Beleid voor geluid van wegverkeer

VROM heeft in de Nota Verkeersemissies voor het geluid van wegverkeer het doel geformuleerd om een generieke reductie van de geluidproductie te bereiken van 2 dB(A) in 2010 ten opzichte van de prognose. VROM realiseert zich dat dit bronbeleid in belangrijke mate afhankelijk is van Europese regelgeving. De acties van het Rijk richten zich daarom op het beïnvloeden van de Europese beleidsagenda en het pleiten voor strengere normen voor geluidproductie.

VROM en VenW voeren mediacampagnes voor het gebruik van zuinige, veilige en stille banden. Hiermee willen de ministeries de aanschaf van (onder meer) stille banden stimuleren.

Banden personenauto’s moeten in 2016 voldoen aan strengere EU-normen

De EU stelt in een nieuwe verordening (EG 661/2009) strengere eisen aan de maximale geluidproductie van banden. Alle banden die in 2016 worden geproduceerd moeten daaraan voldoen. Dit is gunstig voor de geluidproductie van wegverkeer op de lange termijn. De normen zijn aanzienlijk strenger geworden, maar voor het effect van deze laatste EU-verordening moet rekening worden gehouden met een aantal beperkende factoren (zie technische toelichting). Veel banden van vrachtauto’s blijken nu al te voldoen aan de nieuwe normen. Daardoor zal het geluid bij vrachtwagens mogelijk weinig afnemen. Voor personenauto’s is het wel waarschijnlijk dat ze enkele dB’s stiller worden dankzij de nieuwe normen. Vanaf november 2012 krijgen alle nieuwe banden in de EU een label met informatie over de brandstofefficiëntie, grip op nat wegdek en de geluidsemissies van de band.

Referenties

  • EU (2009). Verordening (EG) nr. 661/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 13 juli 2009 betreffende typegoedkeuringsvoorschriften voor de algemene veiligheid van motorvoertuigen, aanhangwagens daarvan en daarvoor bestemde systemen, onderdelen en technische eenheden.
  • FEHRL (2006). Study SI2.408210 Tyre/Road Noise. Brussel: FEHRL
  • M+P (2002). Studie naar de effecten van een regeling stille banden. M+P.KPMG.02.1.1
  • RIVM (2008), Geluidmonitor 2007, Trend- en validatiemetingen omgevingsgeluid, RIVM-rapport 680740001/2008. Bilthoven: RIVM.
  • Peeters, H.M., G.J. van Blokland en P.J.G. van Beek (2009). Akoestisch Onderzoek Validatie emissiegetallen geluid. rapportnummer: M+P.DVS.08.14.4. Vught: M+P Raadgevende ingenieurs en TNO Industrie en Techniek.
  • TNO (2006). Monitoring van de dominante voertuigcategorieën en geluidbronnen in het wegverkeer. TNO Industrie en techniek, rapportnummer IS-RPT-060016
  • VROM (2004) Beleidsnota Verkeersemissies.
  • Geluidhinder per bron, 1990-2009
  • Geluidproductie wegverkeer 2010
  • Woningen met te hoge geluidbelasting langs rijkswegen
  • Relevante informatie
  • http://www.kiesdenieuweband.nl/

Verantwoordelijk instituut

Planbureau voor de Leefomgeving

Berekeningswijze

Het inschatten van het toekomstige effect van aanscherping van normen is zeer complex. Het vereist inzicht in de akoestische eigenschappen van banden nu én in de toekomst. Verschillende typen (merken) banden vertonen een grote statistische variatie in geluidproductie. Hierdoor zullen sommige banden nu al aan de toekomstige norm voldoen en een deel van de banden niet. Het precieze effect van de norm op de toekomstige geluidproductie is moeilijk te voorspellen. Voor dat laatste is bepalend of alleen banden verdwijnen die boven de normen scoren of dat er een daadwerkelijke verschuiving van de geluidbelasting van de hele bandenpopulatie tot stand komt. Er spelen nog meer factoren mee die het inschatten zeer moeilijk maken. Niet alleen de normen veranderen, maar ook de voorgeschreven meetmethoden. Geluidreductie wordt mede bepaald door het wegdek. Daardoor is de uiteindelijke reductie afhankelijk van het type wegdek. Ook zijn normen afhankelijk van de breedte van banden: hoe breder de band, hoe soepeler de norm. Dit betekent dat bij toepassing van steeds bredere banden de geluidproductie kan groeien binnen de gestelde normen. Al deze gegevens zijn met grote onzekerheden omgeven.Verder is de voor de reductie van de totale geluidbelasting (bijvoorbeeld uitgedrukt in Lden) , de reductie bij de meest bepalende bron uiteraard van groter belang dan bronnen die in mindere mate bijdragen. Hierdoor kan het effect uitgedrukt in Lden soms worden beperkt. De onderzoeken van M+P en FEHRL bieden een goed inzicht in welk soort onderzoek is vereist voor de bepaling van het effect van normen. Deze bestaande onderzoeken zijn overigens vóór de vaststelling van de normen verricht (M+P 2002; FEHRL 2006). Zo zijn de normen in de uiteindelijke richtlijn anders dan verondersteld in het rapport van FEHRL. De normen voor banden van personenauto’s zijn uiteindelijk 1 dB strenger geworden, de normen voor vrachtautobanden 1 tot 2 dB minder streng. De betekenis van deze reductie voor de totale geluidbelasting is afhankelijk van de situatie. Het rolgeluid van banden is bij hoge snelheden sterk bepalend voor de geluidproductie. Voor hoofdwegen is dus relatief veel winst te behalen door stillere banden te gebruiken. Het effect wordt hier dus wel minder als er relatief veel vrachtverkeer rijdt. Bij wegen met lagere rijsnelheden speelt ook motorgeluid en het geluid van de uitlaat een rol. Hoe lager het geluid van deze bronnen, hoe groter het effect van geluidreductie door stillere banden. Voor het effect van bronreductie op hinderlijkheid van het geluid is overigens helemaal geen voorspeller voor handen. Mocht bronreductie (gedeeltelijk) tot stand komen, dan is het mogelijk dat ook de hinderlijkheid van het geluid in positieve zin verandert. Maar het is evengoed mogelijk dat bepaalde geluiden hinderlijker worden doordat er minder maskering optreedt.