Balans van de Leefomgeving
Balans van de Leefomgeving 2010

Werken aan de internationale concurrentiepositie van de Randstad

U bekijkt momenteel een archief-versie van deze indicator. Deze indicator is inmiddels geactualiseerd. De actuele versie kunt u hier bekijken.

De internationale concurrentiepositie van de Randstad staat hoog op de beleidsagenda’s van overheden, omdat deze positie in sterke mate bepalend is voor lokale economische ontwikkelingsmogelijkheden. Bedrijven in de Randstad concurreren vooral met bedrijven in Parijs, Vlaanderen, het Ruhrgebied en Milaan – regio’s die alle excelleren in de kenniseconomie. Kenniseconomie is een belangrijke concurrentiefactor, waarin de Randstad nog achterblijft bij de concurrerende Europese regio’s.

Regio's waarmee de Randstad concurreert, alle sectoren, 2000

Regio’s waarmee de Randstad concurreert, alle sectoren, 2000
Regio's waarmee de Randstad concurreert, financiele dienstverlening, 2000

Regio’s waarmee de Randstad concurreert, financiele dienstverlening, 2000
Regio's waarmee de Randstad concurreert, landbouw, 2000

Regio’s waarmee de Randstad concurreert, landbouw, 2000

De positie van het Nederlandse bedrijfsleven verbetert wanneer het erin slaagt een groter aandeel op zijn afzetmarkten te vergaren. Een analyse van regionale handelsnetwerken in Europa laat zien dat de meest concurrerende bedrijven van de Randstad zich in de andere provincies van Nederland bevinden. De grootste internationale concurrentie bevindt zich in de belangrijkste economische centra van West-Europa die relatief dichtbij liggen. Bedrijven in de regio Parijs zijn de belangrijkste concurrenten, gevolgd door bedrijven in de regio’s Milaan, Antwerpen, Dublin, Londen, Düsseldorf en München. Naast hun eigen regio zetten deze regio’s een groot deel van hun productie af op markten in dezelfde Europese regio’s. De concurrentie verschilt per type product: voor de landbouwsector is er meer concurrentie met Denemarken, voor industriële productie met Duitsland en Italië, en voor financiële dienstverlening met Ierland en Italië. Door een functionele uitsortering concurreert de Amsterdamse financiële dienstensector niet direct met de twee Europese financiële hotspots, Londen en Frankfurt.

Kenniseconomie en arbeidsmarkt

Welke regionale karakteristieken zijn nu belangrijk voor de internationale concurrentiepositie? De regio’s waar de Randstad mee concurreert hebben goede scores op kenniseconomie (afgemeten naar R&D-intensiteit van de bedrijvigheid en innovatie), goede fysieke bereikbaarheid en goede potenties van de beroepsbevolking (afgemeten naar omvang, werkloosheidspercentage en opleidingsniveau). Van deze voor zowel de Randstad als zijn concurrenten belangrijkste concurrentiefactoren scoort de Randstad op bereikbaarheid en arbeidsmarkt goed, maar op de dimensies kenniseconomie beduidend minder. De grootste beleidsmatige uitdaging ligt dus daar.

Talloze ranglijsten van regio’s en steden variëren sterk

Het concept van de internationale concurrentiepositie wordt door beleidsmakers veelal ingevuld met optimale (vestigingsplaats)condities voor het bedrijfsleven. Die moeten ervoor zorgen dat investeringen door van elders aangetrokken bedrijven ook bestaande lokale specialisaties verder worden uitgebouwd.
Er zijn talloze benchmarkstudies die de condities van verschillende regio’s of steden met elkaar vergelijken, om hun internationale concurrentiepositie weer te geven. De ranglijsten van regio’s en steden zien er in vrijwel elke studie anders uit. Dat geeft aanleiding tot veel vragen en impliciete kritiek: welke van de vele met de concurrentiepositie van regio’s geachte verbandhoudende factoren zijn daadwerkelijk van belang; welke factor is belangrijker; op welk ruimtelijk schaalniveau is deze factor van belang; waarop wordt geconcurreerd; met wie en waar?

Internationale concurrentiepositie en waargenomen concurrentie

Om tegemoet te komen aan de kritiek introduceert het Planbureau voor de Leefomgeving een nieuwe benadering. In deze benadering wordt op basis van unieke gegevens voor het eerst in beeld gebracht welke regio’s in Europa met elkaar handelen voor verschillende producten. Hiermee wordt zichtbaar gemaakt naar wie de Randstad zijn producten exporteert en uit welke regio’s de Randstad zijn producten importeert. Door middel van handelsoverlap van exporterende regio’s worden de daadwerkelijke waargenomen concurrentieposities van regio’s gekoppeld aan regionale structuurkenmerken van de belangrijkste concurrenten van de Randstad. Dit verschilt voor de verschillende onderscheiden goederen.

Referenties