Balans van de Leefomgeving
Balans van de Leefomgeving 2010

Europees doel voor de sectoren die niet onder CO2-emissiehandel vallen komt binnen bereik

U bekijkt momenteel een archief-versie van deze indicator. Deze indicator is inmiddels geactualiseerd. De actuele versie kunt u hier bekijken.

De emissie van broeikasgassen van niet-ETS-sectoren (zoals verkeer en huishoudens) ligt met de uitvoering van het vastgestelde beleid waarschijnlijk rond het Europese doel om een emissiereductie van 16% tussen 2005 en 2020 te realiseren. De kans dat dit doel gehaald wordt is echter kleiner dan 50%. Als het nieuwe kabinet ook het voorgenomen beleid van het kabinet-Balkenende IV uitvoert, wordt het doel waarschijnlijk wel gehaald.

Met de uitvoering van het voorgenomen klimaatbeleid komt het EU-doel voor emissies van niet-ETS-sectoren in 2020 binnen bereik

Met de uitvoering van het voorgenomen klimaatbeleid komt het EU-doel voor emissies van niet-ETS-sectoren in 2020 binnen bereik

Geraamde emissies van sectoren die niet onder CO2-emissiehandel vallen liggen rond het Europese doel voor 2020

Met het vastgestelde beleid zullen de Nederlandse sectoren die niet onder het Europese emissiehandelssysteem vallen (zoals huishoudens en verkeer) in 2020 naar schatting 94 tot 110 Mton broeikasgassen uitstoten. Deze geraamde emissies vallen daarmee rond het Europese doel wat overeenkomt met een emissieplafond van 99 Mton CO2-equivalenten in 2020. De kans dat het doel wordt gehaald is echter minder dan 50%. De fysieke emissies mogen overigens stijgen tot circa 103 Mton CO2-equivalenten, omdat de Nederlandse overheid in 2020 maximaal 4 Mton van de niet-ETS-emissies mag compenseren met aangekochte buitenlandse emissierechten (binnen de regelingen voor CDM en JI). Mochten de niet-ETS-emissies hoger worden, dan moet het rijk extra binnenlandse reductiemaatregelen treffen of extra emissierechten van andere lidstaten kopen. Lidstaten kunnen namelijk jaarlijks maximaal 5% van hun toegestane (niet-ETS) emissieruimte verhandelen. Verhandeling en aankoop van buitenlandse emissierechten maken echter geen onderdeel uit van het vastgestelde of het voorgenomen beleid. Overigens is niet bekend of de niet-ETS-emissies in de tussenliggende jaren (van 2013 tot en met 2019) lineair dalen, zoals de EU de lidstaten heeft verplicht. Een analyse per sector vindt u hier:

Met het voorgenomen beleid zal het Europese doel waarschijnlijk worden gehaald

Bij uitvoering van zowel het vastgestelde als het voorgenomen beleid bedraagt de uitstoot van broeikasgassen van de niet-ETS-sectoren in 2020 naar verwachting 87 tot 104 Mton CO2-equivalenten (ECN en PBL 2010). De kans is dan groter dan 50% dat de emissie in 2020 maximaal 99 Mton CO2-equivalenten zal bedragen. Er is een kans dat er nog extra binnenlandse emissiereducties nodig zijn, omdat de maximaal toegestane compensatie door buitenlandse emissierechten circa 4 Mton CO2-equivalenten bedraagt. Dat is 1 Mton te weinig als de emissies op 104 Mton CO2-equivalenten uitkomen. De aankoop van buitenlandse emissierechten maakt overigens geen deel uit van het voorgenomen beleid.

Over het voorgenomen beleid is overigens nog geen politiek besluit genomen. Het is onzeker in hoeverre de EU en het kabinet dat Balkenende IV opvolgt deze voornemens zullen uitvoeren.

Handelingsopties

Het rijk kan aanvullende maatregelen treffen om het beleidstekort verder te verkleinen. De door ECN, PBL en door de Werkgroep Energie en Klimaat onderzochte maatregelen vindt u hier:

Totale broeikasgasemissie in 2008 nagenoeg onveranderd

De Nederlandse emissie van broeikasgassen lag in 2008 volgens de IPCC-methode op nagenoeg hetzelfde niveau als in 2007. De totale emissie in 2007 en 2008 bedroeg circa 207 Mton CO2-equivalenten. De uitstoot van CO2, CH4 en HFC is tussen 2007 en 2008 wel toegenomen. Daar staat tegenover dat de emissie van N2O, PFC en SF6 in deze periode juist is gedaald.

Europese doelstelling voor niet-ETS-broeikasgasemissies in 2020

Naast Nederlandse doelstellingen voor het reduceren van broeikasgassen, is er ook een bindende Europese doelstelling. Nederland moet in het kader van het zogenaamde effort-sharing-besluit de niet-ETS-emissies tussen 2005 en 2020 met 16% reduceren. Deze doelstelling komt overeen met een emissieplafond voor de niet-ETS-sectoren van circa 99 Mton CO2-equivalenten in 2020. Hierbij dienen de emissies van de niet-ETS-sectoren vanaf 2013 tot en met 2020 lineair te dalen. Om de Europese lidstaten hierin enige flexibiliteit te geven, mogen deze landen tot maximaal 5% van hun jaarlijks toegestane emissies onderling verhandelen. Ook mogen lidstaten emissiereducties uit voorgaande jaren die verdergaan dan de doelstelling meenemen en tevens tot 5% van hun emissierechten van het volgende jaar naar voren halen. Als zich in 2013 of 2014 extreme weersomstandigheden voordoen die tot hogere broeikasgasemissies leiden, kan een lidstaat bovendien een verzoek indienen om meer dan 5% emissierechten van het volgende jaar naar voren te halen.

Referenties

Relevante informatie

Naam van het gegeven

Referentieraming

Omschrijving

Raming niet-ETS emissies in 2020

Verantwoordelijk instituut

ECN en PBL

Berekeningswijze

Zie aanpak beschreven in ECN en PBL (2010)

Geografisch verdeling

Nederland

Betrouwbaarheidscodering

B1