Balans van de Leefomgeving
Balans van de Leefomgeving 2010

Handelingsopties landelijk gebied

Onverenigbare ambities vergt kiezen, ook ruimtelijk

Als het rijk zijn doelen in gezamenlijkheid wil verwezenlijken, dan moet het in zijn beleid keuzes maken op die punten waar de doelen onverenigbaar zijn. Voor de natuur kan het rijk kiezen voor meer ‘gebruiksnatuur’ of zich beperken tot de voor Nederland typerende ‘deltanatuur’, zoals moeras, kwelders, duinen, rivier- en heidenatuur. Kiezen voor de laatste optie betekent echter een aanzienlijke doelverlaging omdat het rijk dan minder of mogelijk niet investeert in de andere natuur, waar ze nu wel kwantiteit- en kwaliteitdoelstelling voor heeft. Fasering door verschuiving in de tijd is ook mogelijk.

Doorgaan met het uit elkaar halen en houden van het mozaïek van stedelijke, landbouw- en natuurgebieden via de Ecologische Hoofdstructuur en via de Reconstructie zandgebieden blijft een goede strategie om een eind te maken aan de botsing van ruimtelijk onverenigbare milieueisen van naast de elkaar liggende functies. Als deze optie in beeld komt, dan is het ook van belang te definiëren hoe het rijk met de kwaliteit van de ruimte wil omgaan. Er kunnen onwenselijke effecten van monofunctioneel landgebruik ontstaan, zoals het verdwijnen van weide- en akkervogels of verrommeling van het landschap.

MIRT kansrijk voor afweging integratie ruimtelijke belangen

Het rijk kan zijn investeringen in de ruimte integraal aanpakken door het Meerjarenprogramma Infrastructuur, Ruimte en Transport (MIRT) in te zetten. Dit is een nieuw instrument om bij ruimtelijke inrichting de belangen van verschillende sectorale belangen te integreren. Het voordeel is een integrale afweging vóór de start van een project met de mogelijkheid de investeringsprogramma’s van een aantal departementen gezamenlijk in te zetten. Bij de totstandkoming van dit soort projecten werkt het rijk samen met andere overheden en gebiedspartijen.

Een combinatie van de nieuwe Wet ruimtelijke ordening, AMvB’s en het MIRT biedt het rijk kansen – samen met de provincies en gebiedspartijen – de doelen voor natuur, water, landschap en landbouw op een integrale wijze te benaderen en vorm te geven. Het rijk kan in een nieuwe integrale structuurvisie keuzes maken en zo richting geven aan de ruimtelijke inrichting van Nederland. Dat is hard nodig want op dit moment zijn de ruimtelijke rijksbelangen te zeer versnipperd. Dit komt mede doordat – na de Nota Ruimte – andere structuurvisies zijn geschreven, zoals die voor de snelwegomgeving, Randstad 2040 en het structuurvisiedeel van het Nationaal Waterplan.

Lees verder in de Balans van de Leefomgeving, pagina 186