Balans van de Leefomgeving

Milieudruk belangrijke oorzaak biodiversiteitsverlies

U bekijkt momenteel een archief-versie van deze indicator. Deze indicator is inmiddels geactualiseerd. De actuele versie kunt u hier bekijken.

De hoge milieudruk op natuur veroorzaakt een belangrijk deel van de achteruitgang van de biodiversiteit. Verzuring, vermesting en verdroging zijn de voornaamste problemen. De grootte van deze problemen is de afgelopen decennia afgenomen wat heeft geresulteerd in te terugkomst en herstel van soorten en het herstel van hun leefgebieden. De milieudruk blijft een knelpunt voor het duurzaam behoud van planten en dieren omdat het nog knelpunten oplevert voor ongeveer twee derde van de soorten. Het groter en robuuster maken van natuurgebieden kan ook helpen, omdat de veerkracht van het gebied toeneemt.

In Nederland neemt de milieudruk op natuur af, maar verdroging, vermesting en verzuring vormen nog steeds belangrijke knelpunten voor duurzaam behoud van planten en dieren

In Nederland neemt de milieudruk op natuur af, maar verdroging, vermesting en verzuring vormen nog steeds belangrijke knelpunten voor duurzaam behoud van planten en dieren

De milieudruk is gedaald, maar doelen zijn nog niet gehaald

Over de hele linie genomen is de milieudruk sinds de jaren negentig gedaald, vooral de milieudruk veroorzaakt door bestrijdingsmiddelen, nitraat, fosfaat en ammoniak. De recente evaluaties van de toekomstvisie voor de duurzame veehouderij (Van Zeijts et al., 2011) de Meststoffenwet (Willems et al., 2012) en van de nota over duurzame gewasbescherming (Van Eerdt et al., 2012) tonen aan dat de milieudruk de laatste jaren minder sterk daalt dan voorheen. Het halen van de milieudoelstellingen komt daarom nog niet binnen bereik (zie ook Wamelink et al. te verschijnen).

Knelpunten door te hoge stikstofdepositie

De stikstofbelasting van natuurgebieden is het afgelopen decennium in alle provincies afgenomen. De grootste knelpunten in de stikstofbelasting treden nu nog op in de natuurgebieden op de zandgronden van Overijssel, Gelderland, Utrecht, Noord-Brabant en Limburg (zie onderstaande figuur). De natuur is er gevoelig voor vermesting en verdroging, terwijl juist in deze gebieden de Nederlandse varkens- en pluimveehouderij is geconcentreerd. De evaluatie van de waterkwaliteit laat bovendien zien dat de waterkwaliteit van regionale wateren sterk achterblijft bij die van de rijkswateren.

Knelpunten stikstofdepositie

Knelpunten stikstofdepositie
Knelpunten stikstofdepositie

Knelpunten stikstofdepositie
Knelpunten stikstofdepositie

Knelpunten stikstofdepositie

Geen aanscherping milieudoelen

Hoewel de milieudoelen in het landelijk gebied nog niet gehaald zijn, komt het Rijk niet met nieuwe aanscherpingen van milieuregels. Zo ziet het Rijk af van bemestingsnormen die in 2015 zouden leiden tot een zogenoemde evenwichtsbemesting voor fosfaat, maar wordt de oplossing van het mestprobleem bij de sector neergelegd. Om kwetsbare natuurgebieden te beschermen tegen vermesting, zijn er in 2002 (in een zone van 250 meter rond deze gebieden) grenzen gesteld aan de ammoniakuitstoot (Wet Ammoniak en Veehouderij). Binnen de beschermde zones is de ammoniakuitstoot sneller afgenomen dan daarbuiten (PBL 2010). In EU-verband is overeengekomen dat de totale ammoniakuitstoot in Nederland in 2010 en daarna niet meer dan 128 kiloton ammoniak mocht bedragen (Nationaal Emissie Plafond-richtlijn). Dat plafond is dankzij de inspanning van de Nederlandse landbouw niet overschreden, vooral door technische maatregelen om de uitstoot van ammoniak te beperken. Het bovengronds aanwenden van mest is niet meer toegestaan.

Verdrogingsbestrijding verloopt moeizaam

De voortgang in de verdrogingsbestrijding verloopt moeizaam. Volgens de voortgangsrapportage van het Landelijk Steunpunt Verdroging (2010) bereiden de provincies wel beleid voor, maar wordt er nog weinig bestrijding uitgevoerd. Om deze impasse te doorbreken, zijn in 2006 in het Investeringsbudget Landelijk Gebied (ILG) zogeheten TOP-gebieden aangewezen, die prioriteit kregen bij het oplossen van de verdroging. Uit de voortgangsrapportage kwamen als belangrijkste knelpunten naar voren de achterblijvende grondverwerving, een gebrek aan draagvlak in de streek, te weinig financiën en een tekort aan bestuurlijke drive. De gelden die in het Lenteakkoord voor verdroging zijn vrijgemaakt, worden waarschijnlijk in de Programmatische Aanpak Stikstof ingezet, en daarmee alleen in en rond de stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden.

Referenties

  • Zeijts H. van, Overmars K., Van der Bilt W., Schulp N., Notenboom J., Westhoek H., Helming J., Terluin I. en Janssen S.( 2011) Greening the Common Agricultural Policy: impacts on farmland biodiversity on an EU scale. PBL publication number: 500136005
  • Willems J., Van Schijndel M., Van Grinsven H., Kragt F., Van Zeijts H., Van Dam J., Van den Born G.J., Van der Sluis S. (2012) Evaluatie Meststoffenwet 2012: Syntheserapport. Rapport 500252001, Planbureau voor de Leefomgeving, Den Haag.
  • Eerdt, M.M. van, Van Dam, J., Tiktak A., Vonk M., Wortelboer R. en Van Zeijts H. (2012) Evaluatie van de nota Duurzame gewasbescherming, Den Haag: Planbureau voor de Leefomgeving.
  • G.W.W. Wamelink, B. de Knegt, R. Pouwels, C. Schuiling, R.M.A. Wegman, A.M. Schmidt, H.F. van Dobben, M.E. Sanders (in prep.) Considerable bottlenecks for Natura 2000-habitats and -species in the Netherlands. Landscape Ecology.
  • PBL (2010) Balans van de Leefomgeving 2010. Planbureau voor de Leefomgeving, Den Haag/Bilthoven.
  • Landelijk Steunpunt Verdroging (2010) Verdrogingsbestrijding in Nederland. Voortgangsrapportage 2009. Landelijk Steunpunt Verdroging, Utrecht.
  • CBS, PBL, Wageningen UR (2012). Milieucondities in water en natuurgebieden, 1990 – 2010 (indicator 1522, versie 03, 2 augustus 2012). www.compendiumvoordeleefomgeving.nl. CBS, Den Haag; Planbureau voor de Leefomgeving, Den Haag/Bilthoven en Wageningen UR, Wageningen.

Relevante informatie

Naam van het gegeven

Milieudruk op natuur

Omschrijving

Tekst gebaseerd op webartikel ‘Milieucondities in water en natuurgebieden’ in het Compendium voor de Leefomgeving

Verantwoordelijk instituut

Planbureau voor de Leefomgeving; auteur: Arjen van Hinsberg

Berekeningswijze

Zie Technische toelichting in het Compendium: www.clo.nl/nl1522

Achtergrondliteratuur

CBS, PBL, Wageningen UR (2012). Milieucondities in water en natuurgebieden, 1990 – 2010 (indicator 1522, versie 03, 2 augustus 2012). www.compendiumvoordeleefomgeving.nl. CBS, Den Haag; Planbureau voor de Leefomgeving, Den Haag/Bilthoven en Wageningen UR, Wageningen