Balans van de Leefomgeving
Balans van de Leefomgeving 2014

Energiebesparing in Nederland

U bekijkt momenteel een archief-versie van deze indicator. Deze indicator is inmiddels geactualiseerd. De actuele versie kunt u hier bekijken.

Het energiebesparingstempo in Nederland bedroeg in de periode 2000 – 2010 gemiddeld 1,1 % per jaar. Het energiebesparing tempo nam vanaf het begin van de economische crisis in 2008 af. In 2010 is er weer een opleving te zien. Maatregelen uit het Energieakkoord beogen het energiebesparingstempo tot 2020 verhogen tot zo’n 1,2% – 1,5% per jaar.

Energiebesparingstempo in Nederland

Energiebesparingstempo in Nederland

Energiebesparingstempo in Nederland

De energiebesparing in Nederland bedroeg in de periode 2000-2010 gemiddeld 1,1% per jaar, met een 95%-waarschijnlijkheidsmarge van 0,3%-punt (Gerdes en Boonekamp, 2012). De energiebesparing is berekend volgens het Protocol Monitoring Energiebesparing (Boonekamp et al, 2001; Gerdes en Boonekamp, 2012). Het gaat in die definitie om energiebesparing op het primaire energiegebruik, waarbij dus ook besparingen in de energieconversiesectoren (elektriciteitsproductie, raffinaderijen, warmte-kracht centrales) meetellen.

Als er na 2000 niet zou zijn bespaard, zou het energetisch verbruik in 2010 zo’n 11% hoger zijn geweest. Voor een gedetailleerde analyse van de besparing per sector, zie ECN (2012).

De economische crisis van 2008 heeft een duidelijk negatief effect op het energiebesparingstempo gehad. Door lagere bezettingsgraden in de industrie werd energie minder efficiënt ingezet. Ook door minder investeringen in nieuwe, in de regel efficiëntere, installaties werd er minder energie bespaard. In 2007 werd nog een besparingstempo van 1,2% bereikt, maar in 2009 was het gemiddelde gezakt tot 1,0% per jaar.

Beleid energiebesparing

Er zijn verschillende beleidsdoelstellingen voor het realiseren van energiebesparing.

Er is een Europees doel om energie te besparen (Richtlijn energie-efficiëntie, EER). Daarbij gaat het om de totale (cumulatieve) besparingen die in de periode 2014-2020 gerealiseerd moeten worden als gevolg van nationaal beleid. Omdat de doelstelling cumulatief is, telt een besparing die direct in 2014 wordt gerealiseerd 7 jaar mee, en een besparing die pas in 2020 wordt gerealiseerd maar 1 jaar. Voor Nederland gaat het om een cumulatief te bereiken besparing van zo’n 480 PJ bij de gekozen invulling van de doelstelling door Nederland(Daniels et al,. 2013).

Ook zijn er in het Energieakkoord doelen geformuleerd voor energiebesparing (SER, 2013). Het gaat daarbij om het realiseren van een besparing op het finale energiegebruik gemiddeld 1,5% per jaar, en het realiseren van 100 PJ energiebesparing (finaal energiegebruik).

Referenties

Verantwoordelijk instituut

Planbureau voor de Leefomgeving, auteur: Robert Koelemeijer