Balans van de Leefomgeving
Balans van de Leefomgeving 2014

Eén derde van de Meerjaren Programma Ontsnippering-knelpunten rond infrastructuur is opgelost

U bekijkt momenteel een archief-versie van deze indicator. Deze indicator is inmiddels geactualiseerd. De actuele versie kunt u hier bekijken.

De oppervlakte natuur in het Nationaal Natuurnetwerk (NNN, voorheen de Ecologische Hoofdstructuur, EHS) is sinds 1990 geleidelijk toegenomen, de ruimtelijke samenhang is minder gestegen en in de periode 2009 tot 2012 zelfs licht afgenomen. Eind 2013 was circa 38 procent van de 215 door rijksinfrastructuur veroorzaakte knelpunten in het NNN geheel opgelost en 27 procent gedeeltelijk opgelost. Volgens de huidige planning van het MJPO-programma zullen aan het einde van het programma (2018) 165 knelpunten zijn opgelost en 29 knelpunten gedeeltelijk opgelost. In totaal is dan 82 procent van het knelpuntenprogramma helemaal gereed. Er resteren dan nog 21 knelpunten (met name Robuuste Verbindingen).

EHS en ruimtelijke samenhang

EHS en ruimtelijke samenhang
Ruimtelijke condities voor natuur, 2012

Ruimtelijke condities voor natuur, 2012

Versnippering leefgebieden van planten en dieren

De natuur in Nederland is versnipperd. Veel leefgebieden van planten en dieren zijn van elkaar geïsoleerd geraakt door stedelijke ontwikkelingen, uitbreiding van bedrijventerreinen of intensivering van het agrarisch landgebruik. Ook infrastructuur draagt bij aan de versnippering. Zo zijn verkeerswegen, spoorwegen en (grote) waterwegen een voor veel diersoorten onneembare barrière.

Ruimtelijke samenhang van natuurgebieden onvoldoende voor veel soorten

Het Nederlandse natuurbeleid streeft naar duurzame condities voor het voortbestaan van alle in 1982 voorkomende soorten en populaties. Om flora- en faunasoorten in staat te stellen om op lange termijn te overleven en zich te ontwikkelen, zijn vanuit ruimtelijk oogpunt twee zaken essentieel: het behoud van leefgebieden en de mogelijkheden om zich te kunnen verplaatsen tussen leefgebieden. De ruimtelijke condities zijn niet goed wanneer het leefgebied te klein is of te veel versnipperd. Veel soorten staan op de Rode Lijst vanwege de te beperkte ruimtelijke samenhang van de leefgebieden waarvan zij afhankelijk zijn. 
Met de sinds 1990 toegenomen oppervlakte aan natuur, is ook de ruimtelijke samenhang van de natuur verbeterd. De toename in ruimtelijke samenhang blijft echter achter bij de doelstelling.

Ruimtelijke samenhang licht afgenomen door beleidswijziging

De berekende ruimtelijke samenhang in het Nationaal Natuurnetwerk is het laatste jaar licht afgenomen. Dit is een gevolg van de veranderingen in agrarisch natuurbeheer. Door wijzigingen in het beleid is een deel van het agrarisch natuurbeheer buiten het NNN geplaatst. Bij de berekening van de ruimtelijke samenhang van het NNN zijn die gebieden niet meegenomen en de berekende ruimtelijke samenhang van het NNN tussen 2009 en 2012 licht af. De vraag is in hoeverre deze afname ook in de praktijk reëel is. Daarnaast zijn de provincies momenteel bezig een definitieve begrenzing van de EHS vast te stellen.

Rijk en provincies willen ruimtelijke samenhang verbeteren

Met het Nationaal Natuurnetwerk, dat in de wet nog de Ecologische Hoofdstructuur heet, wordt de totstandkoming van een samenhangend netwerk van natuurgebieden nagestreefd. Dit is de belangrijkste Nederlandse bijdrage aan het keren van de internationale achteruitgang van biodiversiteit. In 2013 zijn in het Natuurpact afspraken gemaakt tussen Rijk en provincies over het natuurbeleid en de groei van het NNN. Tot 2027 zou het areaal nieuwe natuur nog groeien met 35.000 hectare uitbreiding en circa 80.000 hectare inrichting. Een deel daarvan betreft de inrichting van al eerder verworven gronden. In de afspraken tussen Rijk en provincies is ook gesproken over het vergroten van de onderlinge samenhang tussen natuurgebieden. Provincies zullen hun plannen op dit gebied komende jaren verder uitwerken. Het Rijk zal daarnaast het Meerjarenprogramma Ontsnippering (Anonymus 2004) afronden om de 215 lokale knelpunten tussen NNN en bestaande rijksinfrastructuur op te heffen. Daarnaast wordt nieuwe infrastructuur ingepast binnen de wettelijke eisen.

Voortgang oplossen van knelpunten door rijksinfrastructuur

Om het Nationaal Natuurnetwerk goed te kunnen laten functioneren zijn ontsnipperende maatregelen nodig bij infrastructuur. Om deze reden is in 2004 het Meerjarenprogramma Ontsnippering opgesteld. Dit interdepartementale ontsnipperingsprogramma (momenteel Ministerie EZ en IenM) heeft als doel de barrières voor flora en fauna binnen de EHS op te lossen, die veroorzaakt worden door bestaande rijksinfrastructuur (verkeerswegen, spoorwegen, waterwegen). Het MJPO – nu onderdeel van het Meerjarenprogramma Infrastructuur, Ruimte en Transport (MIRT) – is daarmee essentieel voor het realiseren van het NNN.

Eind 2013 was 38 procent van de 215 door rijksinfrastructuur veroorzaakte knelpunten opgelost en 27 procent van de knelpunten was gedeeltelijk opgelost. Met `opgelost’ bedoelen we hier dat er op de betreffende knelpunten maatregelen zijn getroffen. Om vast te stellen of deze maatregelen ook volgens verwachting werken en de barrièrewerking van de infrastructuur wegnemen, is een monitoringprogramma nodig. Volgens de huidige planning van het MJPO-programma zullen aan het einde van het programma (2018) 165 knelpunten zijn opgelost en 29 knelpunten gedeeltelijk opgelost. In totaal is dan 82 procent van het knelpuntenprogramma helemaal gereed. Er resteren dan nog 21 knelpunten (met name Robuuste Verbindingen) (MJPO, 2014).

Niet elke provincie kent evenveel knelpunten ten aanzien van versnippering. Ook is de voortgang verschillend per provincie. De mate waarin knelpunten in 2012 waren opgelost varieert tussen de 9 procent en 67 procent. Over de oorzaken van deze verschillen zijn geen algemene uitspraken te doen.

Oplossing knelpunten versnippering door Rijksinfrastructuur

Oplossing knelpunten versnippering door Rijksinfrastructuur
Oplossing knelpunten in ruimtelijke samenhang EHS, 2012

Oplossing knelpunten in ruimtelijke samenhang EHS, 2012

Nieuw ruimtelijk beleid voor het NNN

Het NNN is de belangrijkste Nederlandse bijdrage aan het keren van de internationale achteruitgang van biodiversiteit. Door het realiseren van nieuwe natuur wordt getracht leefgebieden van soorten te vergroten en te verbinden. In 2013 zijn in het Natuurpact afspraken gemaakt tussen Rijk en provincies over het natuurbeleid en de groei van het NNN. Tot 2027 groeit het areaal nieuwe natuur nog met circa 35.000 hectare. Een deel daarvan betreft de inrichting van al eerder verworven gronden. In de afspraken tussen Rijk en provincies is ook aandacht voor het vergroten van de onderlinge samenhang tussen natuurgebieden. Provincies zullen hun plannen op dit gebied de komende jaren verder uitwerken. Het Rijk zal daarnaast het Meerjarenprogramma Ontsnippering afronden om de 215 knelpunten tussen NNN en bestaande rijksinfrastructuur op te heffen. Volgens de huidige prognose zal eind 2018 78 procent van de knelpunten zijn opgelost. Door het schrappen van de Robuuste Verbindingen zullen 48 knelpunten de gestelde deadline namelijk niet halen. Daarnaast wordt nieuwe infrastructuur ingepast binnen de wettelijke eisen.

Referenties

Referenties

Naam van het gegeven

Voortgang Meerjarenprogramma Ontsnippering

Omschrijving

Stand van zaken aanleg ontsnipperende maatregelen bij rijksinfrastructuur.

Verantwoordelijk instituut

Planbureau voor de Leefomgeving, contact: Edward Vixseboxse

Berekeningswijze

Cijfers voortgang gebaseerd op de MJPO Jaarrapportages:http://www.mjpo.nl/publicaties/

Betrouwbaarheid

Cijfers over voortgang MJPO worden jaarlijks aangeleverd door de provincies aan de nationaal coördinator MJPO.