Balans van de Leefomgeving

Milieukwaliteitsnormen voor gewasbeschermingsmiddelen worden regelmatig overschreden

U bekijkt momenteel een archief-versie van deze indicator. Deze indicator is inmiddels geactualiseerd. De actuele versie kunt u hier bekijken.

Ondanks de sterke daling van de milieubelasting door gewasbeschermingsmiddelen worden de milieukwaliteitsnormen in oppervlaktewater in 2015 nog regelmatig overschreden.

Ondanks de sterke daling van de milieubelasting door gewasbeschermingsmiddelen worden de milieukwaliteitsnormen in oppervlaktewater in 2015 nog regelmatig overschreden.

Ondanks de sterke daling van de milieubelasting door gewasbeschermingsmiddelen worden de milieukwaliteitsnormen in oppervlaktewater in 2015 nog regelmatig overschreden.

Milieukwaliteitsnormen overschreden

Ondanks de sterke daling van de milieubelasting door gewasbeschermingsmiddelen sinds 1998 worden de milieukwaliteitsnormen voor bestrijdingsmiddelen in oppervlaktewater nog regelmatig overschreden. Bestrijdingsmiddelen zijn zowel gewasbeschermingsmiddelen als biociden. Deze laatste worden niet gebruikt voor gewassen, maar omdat ze dezelfde werkzame stoffen kunnen bevatten als gewasbeschermingsmiddelen zijn ze in waterkwaliteitsmetingen niet goed onderscheidbaar. Het beleidsdoel in de Nota Gezonde Groei, Duurzame Oogst (EZ, 2013) is om in 2023 het aantal normoverschrijdingen terug te brengen tot nagenoeg nul.

In 2015 werden, net als in 2014, op iets meer dan 60 procent van de meetlocaties de normen overschreden voor langdurige blootstelling met gewasbeschermingsmiddelen en biociden (CML 2015); in 2012 rapporteerde het PBL nog een aandeel van 50 procent (Van Eerdt et al. 2012). Het verschil wordt voor een belangrijk deel veroorzaakt doordat de normen zijn aangescherpt. Dit geldt vooral voor het middel imidacloprid waarvan de norm van 67 naar 8,3 nanogram per liter is aangescherpt.
Bij toepassing van de nieuwe normen op de gehele meetreeks is het aandeel meetpunten met normoverschrijdingen in de afgelopen tien jaar vrijwel stabiel gebleven (circa 60 procent). Op de meeste meetlocaties wordt de norm door minder dan 10 procent van het totale aantal stoffen overschreden. Opvallend is dat enkele normoverschrijdende stoffen niet zijn aangewezen als specifiek verontreinigende stof (bijvoorbeeld de fungicide azoxystrobin en de insecticide fipronil).

Vooral in gebieden met glastuinbouw, bloemkwekerijen, bollenteelt en vollegronds groenteteelt worden de normen overschreden (zie figuur). Normoverschrijdingen kunnen verschillende oorzaken hebben. Zo zijn er middelen toegelaten die volgens de criteria van het waterkwaliteitsbeleid niet hadden mogen worden toegelaten. Bij de toelatingsbeoordeling van gewasbeschermingsmiddelen wordt namelijk een criterium voor ecologische schade gebruikt dat minder streng is dan dat van het waterkwaliteitsbeleid waar de normen van de Kaderrichtlijn Water (KRW) en het Maximaal Toelaatbaar Risico (MTR) worden gebruikt (PBL 2012). Overigens is recent op Europees niveau een belangrijke stap gezet om de toelatingsbeoordeling beter af te stemmen op het waterkwaliteitsbeleid. Andere verklaringen voor normoverschrijdingen zijn onzorgvuldig gebruik van gewasbeschermingsmiddelen in Nederland en aanvoer via rivieren uit het buitenland.

Chemische stoffen in de KRW-systematiek

Chemische stoffen worden binnen de KRW op verschillende plaatsen in de systematiek beoordeeld. Twee belangrijke groepen chemische stoffen in de beoordelingsmethode zijn de ‘prioritaire stoffen’ en de ‘specifiek verontreinigende stoffen’. De ‘chemische toestand’ wordt beoordeeld aan de hand van 33 Europees vastgestelde prioritaire stoffen (EU 2013). Dit zijn stoffen die in heel Europa met voorrang worden aangepakt en waarvan de Europese Commissie de milieukwaliteitsnormen heeft vastgesteld. De 21 meest risicovolle stoffen zijn aangemerkt als ‘prioritair gevaarlijke’ stoffen. Lidstaten moeten maatregelen nemen om de uitstoot van deze stoffen volledig te stoppen. De ‘specifiek verontreinigende stoffen’ worden nationaal vastgesteld; Nederland volgt Europese protocollen bij het vaststellen van de normen. De huidige gewasbeschermingsmiddelen vallen voornamelijk onder de ‘specifiek verontreinigende stoffen’ en voor een klein deel onder de ‘prioritaire stoffen’.

Ontwikkelingen in perspectief

In het begin van de jaren negentig van de vorige eeuw is de afzet van chemische gewasbeschermingsmiddelen in de landbouw fors afgenomen. Dit komt vooral doordat minder grondontsmettingsmiddelen zijn gebruikt. De daling van de totale afzet heeft zich de laatste vijftien jaar niet voortgezet. Mede door het grote areaal aardappelen en sierteelt heeft Nederland het hoogste gebruik van gewasbeschermingsmiddelen per hectare in Europa.

Referenties

Naam van het gegeven

Gewasbescherming en oppervlaktewater

Verantwoordelijk instituut

Planbureau voor de Leefomgeving; auteur: Aaldrik Tiktak (PBL/WLV)

Geografisch verdeling

Nederland

Verschijningsfrequentie

Jaarlijks