Balans van de Leefomgeving

Tussen 2011 en 2015 is ruim 28.000 ha natuur ingericht

U bekijkt momenteel een archief-versie van deze indicator. Deze indicator is inmiddels geactualiseerd. De actuele versie kunt u hier bekijken.

Behoud en herstel van biodiversiteit is een belangrijke (inter)nationale doelstelling van het natuurbeleid vanuit de Conventie voor Biologische Diversiteit, de EU-Vogel- en Habitatrichtlijn en de EU-biodiversiteitstrategie. Het realiseren en beheren van een samenhangend Natuurnetwerk Nederland (NNN), voorheen Ecologische Hoofdstructuur (EHS; LNV 1990), is een van de belangrijkste pijlers van het Nederlandse natuurbeleid. Het doel van het NNN is de achteruitgang van het areaal aan natuur en haar biodiversiteit te stoppen door een samenhangend netwerk van natuurgebieden te creëren. Dit wordt gedaan door natuurgebieden te vergroten en met elkaar te verbinden. Uitbreiding met nieuwe natuur vindt plaats door verwerving van landbouwgronden of functiewijziging met particulier beheer. Veelal moeten deze gronden ook worden ingericht zodat de nieuwe natuur zich in de gewenste richting kan ontwikkelen. Met de afspraken uit het Natuurpact van 2013 zijn de provincies verantwoordelijk voor het realiseren van het natuurnetwerk. De provincies hebben het netwerk herijkt en samen met het Rijk hun nieuwe ambities om natuur in Nederland te ontwikkelen en te behouden vastgelegd voor de periode tot en met 2027 (EZ & provincies 2013).

Sinds 2011 is binnen het natuurnetwerk ruim 7000 ha nieuwe natuur erbij gekomen door verwerving of functiewijziging (grond in particulier beheer).

Sinds 2011 is binnen het natuurnetwerk ruim 7000 ha nieuwe natuur erbij gekomen door verwerving of functiewijziging (grond in particulier beheer).
Tussen 2011 en 2015 is ruim 28.000 ha natuur ingericht. In 2015 is er ruim 3000 hectare ingericht

Tussen 2011 en 2015 is ruim 28.000 ha natuur ingericht. In 2015 is er ruim 3000 hectare ingericht

Uitbreiding en inrichting nieuwe natuur

Het oppervlak verworven nieuwe natuur is sinds 1990 geleidelijk toegenomen. In 2015 is er binnen het natuurnetwerk 1747 ha nieuwe natuur bijgekomen via verwerving of functiewijziging met particulier beheer. In totaal is in datzelfde jaar 3141 hectare ingericht (IPO 2017). De voortgang is minder dan in 2014; toen is er 2281 ha verworven en ruim 8.436 hectare ingericht (IPO 2015). Provincies geven aan in de eerste jaren na de herijking inrichting snel verliep omdat veel gronden al vóór 2011 waren aangekocht.

De grafiek van verwerving vertoont in 2013 een dip omdat toen als gevolg van de herijking van het natuurbeleid de EHS is verkleint. Een deel van de voor 2013 verworven gronden kwam buiten het NNN te liggen. Met deze herijking is ook 1.367 hectare van de al eerder ingerichte gronden buiten de nieuwe NNN begrenzing komen te liggen. De grafiek voor inrichting vertoont een dip in 2002 en in 2006. Een deel van de ingerichte gronden bleek na inventarisatie in het kader van het project ‘Nulmeting op kaart’ nog niet te voldoen aan de geambieerde natuur en werd daardoor niet langer als voldoende ingericht te boek gesteld.

Wijzigingen in oorspronkelijk beoogde omvang natuurnetwerk

In 1990 was de omvang van de bestaande natuur in het NNN volgens het Rijk 435.500 hectare (LNV 1990). De toen beoogde uitbreiding, die in 2018 gerealiseerd moest zijn, was ca. 275.000 hectare groot. Deze uitbreiding werd vorm gegeven middels nieuwe natuur (ca. 175.000 ha verwerving, inrichting en particulier natuurbeheer) en agrarisch natuurbeheer (ca. 100.000 ha). In het Natuurpact van september 2013 hebben Rijk en provincies hun nieuwe ambities om natuur in Nederland te ontwikkelen en te behouden vastgelegd voor de periode tot en met 2027 (EZ & provincies 2013). De meeste provincies hebben de Ecologische Hoofdstructuur herijkt en de naamgeving is veranderd naar Natuurnetwerk Nederland. Door de herijking maken, soms grote, delen van de vroegere EHS geen deel meer uit van het NNN. In de meeste provincies zijn natuurgebieden die buiten het NNN zijn komen te liggen, toegevoegd aan provinciale groene netwerken. Veelal geldt voor deze gebieden het beschermingsregime ‘ja, mits’, hoewel dit niet in alle provincies hetzelfde wordt ingevuld.
In deze gebieden zijn allerlei economische ontwikkelingen mogelijk mits er rekening wordt gehouden met natuurwaarden. In het NNN is het ‘nee, tenzij’-regime uit de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR) van kracht (IenM 2012).

Na de herijking is de omvang van het op kaart begrensde NNN teruggebracht naar circa 695.000 ha (exclusief grote wateren). Naast dit natuurnetwerk op het land zijn alle grote wateren, waaronder Waddenzee, IJsselmeer, Zeeuwse delta en Noordzee aangewezen als onderdeel van het NNN.

Tot 2027 gaan de provincies minimaal 80.000 hectare nieuwe natuur realiseren om het natuurnetwerk te versterken. Hiervoor moesten provincies in 2011 nog 40.000 hectare landbouwgrond verwerven of van functie veranderen (IPO 2015). Alle provincies hebben het NNN inmiddels planologisch begrensd en opgenomen in omgevingsplannen, omgevingsverordeningen, structuurvisies en ruimtelijke verordeningen. Van het nu begrensde NNN zal niet alles natuurgebied worden; een klein deel van het areaal is nog zoekgebied voor nieuwe natuur en een klein deel zal worden gerealiseerd met agrarisch natuurbeheer. Hoewel met de huidige provinciale plannen ruim in de gestelde opgave van 80.000 hectare is voorzien, is de verwachting dat verwerving en functiewijziging van gronden voor nieuwe natuur nog lastig zal worden omdat de medewerking van grondeigenaren vaak ontbreekt (PBL & WUR 2017).

De Nederlandse Natura 2000-gebieden beslaan momenteel ruim 2 miljoen hectare (waarvan 83% open water). In Nederland liggen de Natura 2000-gebieden grotendeels binnen het Natuurnetwerk Nederland

De Nederlandse Natura 2000-gebieden beslaan momenteel ruim 2 miljoen hectare (waarvan 83% open water). In Nederland liggen de Natura 2000-gebieden grotendeels binnen het Natuurnetwerk Nederland

Natura 2000-gebieden niet voor de volle 100% onderdeel van de NNN

De Nederlandse Natura 2000-gebieden beslaan momenteel ruim 2 miljoen hectare (waarvan 83% open water, inclusief de kustwateren, Klaverbank, Friese front en Doggersbank). De Natura 2000-gebieden grotendeels binnen het NNN. Een deel van deze gebieden (ruim 27.000 hectare) is geen onderdeel van het natuurnetwerk. Dit betreft vooral agrarische gebieden zoals Arkemheen, Polder Zeevang, uiterwaarden van de Rijntakken, het Oude land van Strijen en delen van de Wieden. Soms zijn deze gebieden ondergebracht in een nieuwe beleidscategorie bijvoorbeeld die van ‘Groene Ontwikkelingszone’. Deze hebben een “smaller” beschermingsregime dan de gebieden in het NNN. In Natura 2000-gebieden binnen het NNN worden namelijk – behalve de specifieke soorten en habitattypen die via de Wet Natuurbescherming worden beschermd – ook de zogeheten wezenlijke kenmerken en waarden van deze gebieden beschermd door het ‘nee, tenzij’-regime uit de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR) (IenM 2012). Onder deze wezenlijke kenmerken vallen bijvoorbeeld ook landschappelijke kenmerken. Het ‘nee, tenzij’ regime uit de SVIR geldt niet voor Natura 2000-gebieden buiten het NNN. Bovendien is verwerving van gronden beperkt tot het NNN waardoor uitbreiding van bestaande weidevogelreservaten in deze Natura 2000-gebieden niet zal plaatsvinden.

Vorderingen in bescherming Natura 2000-gebieden

De Natura 2000-gebieden zijn onderdeel van een netwerk van natuurgebieden in de Europese Unie, die worden beschermd op grond van de Vogelrichtlijn (EC 1979) en de Habitatrichtlijn (1992). Deze richtlijnen geven aan welke typen natuur (habitattypen) en welke soorten moeten worden beschermd. Nederland is verplicht de soorten en habitattypen in een gunstige staat van instandhouding te houden of te brengen. De lidstaten wijzen daarvoor speciale beschermingszones aan en moeten instandhoudings-maatregelen nemen om deze Natura 2000-gebieden te beschermen. De instandhoudingsdoelstellingen zijn opgenomen in de aanwijzingsbesluiten voor de Natura 2000-gebieden. Nederland werkt de instandhoudingsdoelstellingen per gebied uit in de Natura 2000-beheerplannen. Het beheerplan moet binnen drie jaar na aanwijzing van het gebied als Natura 2000-gebied zijn vastgesteld. Per juli 2017 zijn bijna alle Natura 2000-gebieden definitief aangewezen of de besluiten ervan getekend. Van de gebieden Krammer-Volkerak en Zoommeer moet het ontwerpbesluit voor aanwijzing nog worden vastgesteld en gepubliceerd. Van de beheerplannen waren er 41 vastgesteld tot en met juni 2017.

Referenties

Naam van het gegeven

1.Verwerving en inrichting2.Begrenzing Natuurnetwerk Nederland en de Natura 2000-gebieden

Omschrijving

1.Realisatie NNN door middel van verwerving, functiewijziging en inrichting 1990 -2014. De indicator geeft het oppervlak aan verworven en ingerichte grond en particulier natuurbeheer ten behoeve van nieuwe natuur, verbindingen en natte natuur. 2.De indicator geeft weer hoe het areaal van de het NNN samenhangt met de Natura 2000-gebieden. Bovendien geeft de indicator aan welke gebieden uit de EHS na herijking niet meer terugkomen in de NNN.

Verantwoordelijk instituut

WOT Natuur & Milieu, Wageningen UR (Marlies Sanders)

Berekeningswijze

1.Bron cijfers: – Compendium verwerving en inrichting tot 2010- rapportage NOK 2010, 2011, 2012, 2013- Voortgangsrapportage natuur IPO 2015, IPO 2017- GIS- bestanden: Verwerving, inrichting en beheer (IPO 2014, 2015).Cijfers zijn met elkaar vergeleken en in een grafiek gezet.LETOP: De ruilgronden (= door Bureau Beheer Landbouwgrond verworven gronden) binnen de begrenzing zijn in tegenstelling tot het NOK niet meegeteld bij verworven gronden. Het is namelijk niet zeker of deze gronden ook worden ingericht. 2.Kaartcombinatie in GIS (Union) van:- De kaart van het NNN is onderdeel van de voortgangsrapportage natuur (IPO 2015). – Netto EHS 2005 onderdeel van de Nota Ruimte- Alle rijkswateren zijn NNN maar staan niet op de NNN-kaart van het IPO. In 2005 waren ook alle rijkswateren EHS. De rijkswateren op de kaart zijn daarom overgenomen van de begrenzing van de netto EHS 2005 van de Nota Ruimte.- Natura 2000- gebieden 17feb2015

Geografisch verdeling

Nederland

Verschijningsfrequentie

Jaarlijks

Achtergrondliteratuur

1.DLG (2010), Natuurmeting op kaart 2010. Utrecht: Dienst Landelijk Gebied.DLG (2011), Natuurmeting op kaart 2011. Utrecht: Dienst Landelijk Gebied.IPO (2012), Natuurmeting op kaart 2012. Den Haag: Interprovinciaal OverlegIPO (2013), Natuurmeting op kaart 2013. Den Haag: Interprovinciaal OverlegIPO (2014), Natuurmeting op kaart 2014. Den Haag: Interprovinciaal OverlegIPO (2015), Natuur in de provincie. Eén jaar Natuurpact in uitvoering. Den Haag: Interprovinciaal Overleg. 2. Voortgang Natura 2000. Tweede Kamer, vergaderjaar 2015-2016, 32 670, nr. 102Regiegroep Natura 2000. Status beheerplannen. Geraadpleegd op 9 december 2015. https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/natuur-en-biodiversiteit/inhoud/natuurnetwerk-nederlandhttps://www.synbiosys.alterra.nl/natura2000/gebiedendatabase.aspx?subj=actualiteitaanwijzingen Geraadpleegd op 5 juli 2017.https://www.synbiosys.alterra.nl/natura2000/gebiedendatabase.aspx?subj=actualiteitbeheerplannen. Geraadpleegd op 5 juli 2017.Ministerie van VROM (2005), Nota Ruimte. Ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieu, Den Haag

Betrouwbaarheidscodering

1.C. Schatting, gebaseerd op een groot aantal (accurate) metingen; de representativiteit is grotendeels gewaarborgd. Op basis van administratieve opgaven en GIS-bestanden2.Beleidskaarten zijn vastgesteld.