Balans van de Leefomgeving

Tussen 2011 en 2017 is ruim 33.000 ha natuur ingericht en ruim 15.000 ha verworven en van functie gewijzigd.

Behoud en herstel van biodiversiteit is een belangrijke (inter)nationale doelstelling van het natuurbeleid vanuit de Conventie voor Biologische Diversiteit, de EU-Vogel- en Habitatrichtlijn en de EU-biodiversiteitstrategie (EC 2011). Het realiseren en beheren van een samenhangend Natuurnetwerk Nederland (NNN), voorheen Ecologische Hoofdstructuur (EHS; LNV 199 0), is een van de belangrijkste pijlers van het Nederlandse natuurbeleid. Het doel van het NNN is de achteruitgang van het areaal aan natuur en haar biodiversiteit te stoppen door een samenhangend netwerk van natuurgebieden te creëren. Dit wordt gedaan door natuurgebieden te vergroten en met elkaar te verbinden. Uitbreiding met nieuwe natuur vindt plaats door verwerving van (landbouw)gronden of functiewijziging (grond met particulier beheer). Veelal moeten deze gronden ook worden ingericht zodat de nieuwe natuur zich in de gewenste richting kan ontwikkelen. Met de afspraken uit het Natuurpact van 2013 zijn de provincies verantwoordelijk voor het realiseren van het natuurnetwerk. De provincies hebben het netwerk herijkt en samen met het Rijk hun nieuwe ambities om natuur in Nederland te ontwikkelen en te behouden vastgelegd voor de periode tot en met 2027 (EZ & provincies 2013). De doelstelling is om in het NNN tussen 2011 en 2027 minimaal 80.000 ha nieuwe natuur te realiseren, waarvan de helft in 2011 nog verworven, danwel van functie moest veranderen.

Sinds 2011 is binnen het natuurnetwerk ruim 15.000 ha nieuwe natuur erbij gekomen door verwerving of functiewijziging (grond in particulier beheer).

Sinds 2011 is binnen het natuurnetwerk ruim 15.000 ha nieuwe natuur erbij gekomen door verwerving of functiewijziging (grond in particulier beheer).
Tussen 2011 en 2017 is ruim 33.000 ha natuur ingericht. In 2016 is er 5.570 hectare ingericht

Tussen 2011 en 2017 is ruim 33.000 ha natuur ingericht. In 2016 is er 5.570 hectare ingericht

Uitbreiding en inrichting nieuwe natuur

Het oppervlak verworven nieuwe natuur is sinds 1990 geleidelijk toegenomen. In 2016 is er binnen het natuurnetwerk 2.290 ha nieuwe natuur bijgekomen via verwerving of functiewijziging met particulier beheer. In totaal is in datzelfde jaar 5.570 hectare ingericht (IPO 2017b). In 2014 was er 8.436 hectare ingericht en in 2015 2875 hectare (IPO 2015, IPO 2017a,b).

De voortgang is minder dan in 2014 maar meer dan in 2015. Provincies geven aan dat in de eerste jaren na de herijking de inrichting snel verliep omdat veel gronden al vóór 2011 waren aangekocht. Als het gemiddelde tempo van inrichting kan worden vastgehouden, dan wordt de doelstelling van 80.000 ingericht in 2027 gehaald. Met de huidige provinciale plannen is ruim in de gestelde opgave van 80.000 hectare voorzien. Echter, het is de verwachting dat verwerving en functiewijziging van gronden voor nieuwe natuur de komende jaren nog lastig zal worden omdat men afhankelijk is van de medewerking van grondeigenaren (PBL & WUR 2017).

De grafiek voor inrichting vertoont een dip in 2002 en in 2006. Een deel van de ingerichte gronden bleek na inventarisatie in het kader van het project ‘Nulmeting op kaart’ nog niet te voldoen aan de geambieerde natuur en werd daardoor niet langer als voldoende ingericht te boek gesteld.

Wijzigingen in oorspronkelijk beoogde omvang natuurnetwerk

In 1990 was de omvang van de bestaande natuur in het NNN volgens het Rijk 450.000 hectare (LNV 1990). De toen beoogde uitbreiding, die in 2018 gerealiseerd moest zijn, was ca. 250.000 hectare groot. Deze uitbreiding werd vorm gegeven middels nieuwe natuur (ca. 150.000 ha natuurontwikkeling) en agrarisch natuurbeheer (ca. 100.000 ha). In het Natuurpact van september 2013 hebben Rijk en provincies hun nieuwe ambities om natuur in Nederland te ontwikkelen en te behouden vastgelegd voor de periode tot en met 2027 (EZ & provincies 2013). De meeste provincies hebben de Ecologische Hoofdstructuur herijkt en de naamgeving is veranderd naar Natuurnetwerk Nederland. Door de herijking maken, soms grote, delen van de vroegere EHS geen deel meer uit van het NNN. In de meeste provincies zijn natuurgebieden die buiten het NNN zijn komen te liggen, toegevoegd aan provinciale groene netwerken. Veelal geldt voor deze gebieden het beschermingsregime ‘ja, mits’, hoewel dit niet in alle provincies hetzelfde wordt ingevuld.
In deze gebieden zijn economische ontwikkelingen mogelijk mits er rekening wordt gehouden met natuurwaarden. In het NNN is het ‘nee, tenzij’-regime uit de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR) van kracht (IenM 2012). Alle provincies hebben het NNN inmiddels planologisch begrensd en opgenomen in omgevingsplannen, omgevingsverordeningen, structuurvisies en ruimtelijke verordeningen.

Na de herijking is de omvang van het op kaart begrensde NNN teruggebracht naar circa 750.000 ha (exclusief grote wateren). Tot 2027 gaan de provincies minimaal 80.000 hectare nieuwe natuur realiseren om het natuurnetwerk te versterken. Hiervoor moesten provincies in 2011 nog 40.000 hectare (landbouw)grond verwerven of van functie veranderen (IPO 2015). Van het nu begrensde NNN zal niet alles natuurgebied worden; een klein deel van het areaal is nog zoekgebied voor nieuwe natuur en een klein deel zal worden gerealiseerd met agrarisch natuurbeheer. Het minimum beoogd oppervlak natuur binnen het Natuurnetwerk per 1-1-2027 is 668.000 ha (IPO 2017b). Naast dit natuurnetwerk op het land zijn alle grote wateren, waaronder Waddenzee, IJsselmeer, Zeeuwse delta en Noordzee aangewezen als onderdeel van het NNN.

De Nederlandse Natura 2000-gebieden beslaan momenteel ruim 2 miljoen hectare (waarvan 83% open water). In Nederland liggen de Natura 2000-gebieden grotendeels binnen het Natuurnetwerk Nederland.

De Nederlandse Natura 2000-gebieden beslaan momenteel ruim 2 miljoen hectare (waarvan 83% open water). In Nederland liggen de Natura 2000-gebieden grotendeels binnen het Natuurnetwerk Nederland.

Natura 2000-gebieden niet voor de volle 100% onderdeel van de NNN

De Nederlandse Natura 2000-gebieden beslaan momenteel ruim 2 miljoen hectare (waarvan 83% open water, inclusief de kustwateren, Klaverbank, Friese front en Doggersbank). De Natura 2000-gebieden vallen grotendeels binnen het NNN. Een deel van deze gebieden (ruim 27.000 hectare) is geen onderdeel van het natuurnetwerk. Dit betreft vooral agrarische gebieden zoals Arkemheen, Polder Zeevang, uiterwaarden van de Rijntakken, het Oude land van Strijen en delen van de Wieden. Soms zijn deze gebieden ondergebracht in een nieuwe beleidscategorie bijvoorbeeld die van ‘Groene Ontwikkelingszone’. Deze hebben een “smaller” beschermingsregime dan de gebieden in het NNN. In Natura 2000-gebieden binnen het NNN worden namelijk – behalve de specifieke soorten en habitattypen die via de Wet Natuurbescherming worden beschermd – ook de zogeheten wezenlijke kenmerken en waarden van deze gebieden beschermd door het ‘nee, tenzij’-regime uit de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR) (IenM 2012). Onder deze wezenlijke kenmerken vallen bijvoorbeeld ook landschappelijke kenmerken. Het ‘nee, tenzij’ regime uit de SVIR geldt niet voor Natura 2000-gebieden buiten het NNN. Bovendien is verwerving van gronden beperkt tot het NNN waardoor uitbreiding van bestaande weidevogelreservaten in deze Natura 2000-gebieden niet zal plaatsvinden.

Vorderingen in bescherming Natura 2000-gebieden

De Natura 2000-gebieden zijn onderdeel van een netwerk van natuurgebieden in de Europese Unie, die worden beschermd op grond van de Vogelrichtlijn (EC 1979) en de Habitatrichtlijn (1992). Deze richtlijnen geven aan welke typen natuur (habitattypen) en welke soorten moeten worden beschermd. Nederland is verplicht de soorten en habitattypen in een gunstige staat van instandhouding te houden of te brengen. De lidstaten wijzen daarvoor speciale beschermingszones aan en moeten instandhoudings-maatregelen nemen om deze Natura 2000-gebieden te beschermen. De instandhoudingsdoelstellingen zijn opgenomen in de aanwijzingsbesluiten voor de Natura 2000-gebieden. Nederland werkt de instandhoudingsdoelstellingen per gebied uit in de Natura 2000-beheerplannen. Het beheerplan moet binnen drie jaar na aanwijzing van het gebied als Natura 2000-gebied zijn vastgesteld. Per juli 2017 zijn bijna alle Natura 2000-gebieden definitief aangewezen of de besluiten ervan getekend. In maart 2018 heeft de Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV) het voornemen om de aanwijzingsbesluiten van honderd Natura 2000-gebieden te wijzigen gepubliceerd in de Staatscourant. Het betreft vooral het alsnog beschermen van habitattypen en soorten die op het moment van aanwijzen (in voldoende mate en duurzaam) aanwezig bleken te zijn. Deze waarden en de daarvoor gestelde instandhoudingsdoelstellingen worden met dit wijzigingsbesluit aan de betreffende aanwijzingsbesluiten toegevoegd. In een beperkt aantal gevallen bleken typen en soorten op het moment van aanwijzen niet (in voldoende mate en duurzaam) aanwezig te zijn. Deze worden met dit wijzigingsbesluit verwijderd. De periode van terinzagelegging liep van 9 maart tot en met 19 april 2018.

Referenties

Naam van het gegeven

1.Verwerving en inrichting2.Begrenzing Natuurnetwerk Nederland en de Natura 2000-gebieden

Omschrijving

1.Realisatie NNN door middel van verwerving, functiewijziging en inrichting 1990 -2014. De indicator geeft het oppervlak aan verworven en ingerichte grond en particulier natuurbeheer ten behoeve van nieuwe natuur, verbindingen en natte natuur. 2.De indicator geeft weer hoe het areaal van de het NNN samenhangt met de Natura 2000-gebieden. Bovendien geeft de indicator aan welke gebieden uit de EHS na herijking niet meer terugkomen in de NNN.

Verantwoordelijk instituut

WOT Natuur & Milieu, Wageningen UR (Marlies Sanders)

Berekeningswijze

1.Bron cijfers:
– Compendium verwerving en inrichting tot 2010
– rapportage NOK 2010, 2011, 2012, 2013
– Voortgangsrapportage natuur IPO 2015, IPO 2017a, IPO 2017b

Cijfers zijn met elkaar vergeleken en in een grafiek gezet.

LETOP: De ruilgronden (= door Bureau Beheer Landbouwgrond verworven gronden) binnen de begrenzing zijn in tegenstelling tot het NOK niet meegeteld bij verworven gronden. Het is namelijk niet zeker of deze gronden ook worden ingericht.

2.Kaartcombinatie in GIS (Union) van:
– De kaart van het NNN is onderdeel van de voortgangsrapportage natuur (IPO 2017).
– Netto EHS 2005 onderdeel van de Nota Ruimte
– Alle rijkswateren zijn NNN maar staan niet op de NNN-kaart van het IPO. In 2005 waren ook alle rijkswateren EHS. De rijkswateren op de kaart zijn daarom overgenomen van de begrenzing van de netto EHS 2005 van de Nota Ruimte.
– Natura 2000- gebieden 17feb201

Het Natuurnetwerk Nederland (NNN), voorheen de ‘Ecologische Hoofdstructuur’ (EHS), is een netwerk van bestaande en nieuw aan te leggen natuurgebieden en werd in 1990 geïntroduceerd in het Natuurbeleidsplan van het ministerie van LNV. Sindsdien is de begrenzing van deze beleidscategorie voortdurend bijgesteld.

Bij de indicator 2050 (ontwikkeling van woonbebouwing) gaat het om het NNN voor zover dat planologisch is beschermd. Het rijksbeleid biedt in het Barro geen planologische bescherming; dat doen de twaalf provincies in hun ruimtelijke dan wel omgevingsverordeningen. Opvallend is dat aanzienlijke delen van de grote wateren, volgens de SVIR onderdeel van de NNN, noch in het rijksbeleid, noch in het provinciaal beleid planologische bescherming genieten. Andere beleidskaders, zoals de Wet natuurbescherming, bieden overigens wel bescherming tegen ruimtelijke ontwikkelingen. In de toelichting op de indicator op het compendium van de Leefomgeving (www.clo.nl/nl2050) staat aangegeven op welke versies van deze verordeningen de hier gebruikte begrenzing is gebaseerd. Het areaal NNN van de indicator 2050 kan iets groter zijn dan de NNN zoals opgenomen in de Voortgangsrapportage Natuur voor zover die aanduidt waar financiën beschikbaar zijn voor grondverwerving, inrichting van natuurgebieden of beheer van natuur. Sommige provincies hebben er bij de herijking namelijk voor gekozen om delen van de eerdere EHS waarvoor door de bezuiniging van de Rijksoverheid geen financiën meer beschikbaar waren, planologisch te blijven beschermen tegen verstedelijking. Voor deze doelen gaan Rijk en provincies uit van andere versies van het NNN.

Geografisch verdeling

Nederland

Verschijningsfrequentie

Jaarlijks

Achtergrondliteratuur

Sanders et al., in prep. Achtergrond document Balans 2018. Wot technical report.2. Voortgang Natura 2000. Tweede Kamer, vergaderjaar 2015-2016, 32 670, nr. 102Regiegroep Natura 2000. Status beheerplannen. Geraadpleegd op 9 december 2015. https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/natuur-en-biodiversiteit/inhoud/natuurnetwerk-nederlandhttps://www.synbiosys.alterra.nl/natura2000/gebiedendatabase.aspx?subj=actualiteitaanwijzingen Geraadpleegd op 5 juli 2017.https://www.synbiosys.alterra.nl/natura2000/gebiedendatabase.aspx?subj=actualiteitbeheerplannen. Geraadpleegd op 5 juli 2017.Ministerie van VROM (2005), Nota Ruimte. Ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieu, Den Haag

Betrouwbaarheidscodering

1.C. Schatting, gebaseerd op een groot aantal (accurate) metingen; de representativiteit is grotendeels gewaarborgd. Op basis van administratieve opgaven en GIS-bestanden

2.Beleidskaarten zijn vastgesteld.