6.1.2 Naleving derogatievoorwaarden

Op meer dan een kwart van de gecontroleerde derogatiebedrijven zijn een of meer afwijkingen ten opzichte van de derogatievoorwaarden geconstateerd

In 2015 is de naleving van de derogatievoorwaarden en gebruiksnormen onderzocht zoals die golden in 2014 (RVO.nl, 2016). Vanaf 2014 mogen bedrijven met minimaal 80 procent grasland, op hun hele bedrijfsoppervlakte tot 250 kilogram stikstof per hectare toedienen in de vorm van dierlijke mest afkomstig van graasdieren. Bedrijven in de provincies Overijssel, Gelderland, Utrecht, Noord-Brabant en Limburg mogen op zand- en lössgrond tot 230 kilogram stikstof per hectare toedienen in de vorm van dierlijke mest afkomstig van graasdieren. Daarbij mogen bedrijven die gebruik maken van derogatie vanaf 15 mei 2014 geen fosfaat uit kunstmest meer aanvoeren.
In 2014 en 2015 waren respectievelijk 19.400 en 19.800 bedrijven als derogatiebedrijf geregistreerd. Van de 542 onderzochte bedrijven zijn bij selecte administratieve controles op 150 bedrijven één of meer afwijkingen vastgesteld met betrekking tot de derogatievoorwaarden 2015. Op 86 bedrijven werden meerdere derogatievoorwaarden niet nageleefd. Op 10 bedrijven werd niet voldaan aan de 80 procent grasland eis, op 85 bedrijven was het bemestingsplan niet in orde, 1 bedrijf voldeed niet aan het fosfaatkunstmestverbod en op 3 bedrijven werd niet voldaan aan overige voorwaarden van de derogatie. Deze hadden onder andere betrekking op het niet telen van een vanggewas. Bij 14 van 287 nader onderzochte bedrijven in 2015 werden één of meerdere gebruiksnormen overschreden, waarvan 13 maal de gebruiksnorm dierlijke mest, 2 maal de stikstofgebruiksnorm en 7 maal de fosfaatgebruiksnorm. Overtredingen leiden tot een boetebedrag van 163 duizend euro bij 23 bedrijven. De naleving is dus goed te noemen.

Referenties

  • RVO.nl (2016) Resultaten van controles in 2015 op Nederlandse derogatiebedrijven en trends in de veehouderij.