Ga direct naar inhoud
logo Planbureau voor de leefomgeving
logo Planbureau voor de leefomgeving

Waarden afwegen

De leefomgevingswaarden van erfgoed in beeld brengen in het planproces betekent niet dat ze allemaal volledig behouden kunnen blijven, maar juist dat je beter weet tussen welke waarden er een keuze gemaakt moet worden.

Deze afweging tussen waarden vindt plaats gedurende het hele planproces. Het is geen eenmalige beslissing op het eind (stap 9 van de routekaart), maar onderdeel van alle denkstappen van het plan.

Het feit dat de kosten van een plan vaak duidelijk zijn, terwijl de baten van een hogere leefomgevingswaarde lastig in geld zijn uit te drukken, maakt het niet makkelijker om de afweging te onderbouwen.

Een van de methoden om de effecten van een ruimtelijke ingreep systematisch in beeld te brengen en beleidsalternatieven tegen elkaar af te wegen is de Maatschappelijke Kosten-Batenanalyse (MKBA). De stappen van de MKBA staan beschreven in de Algemene leidraad kosten-batenanalyse van PBL/CPB. Ook volgens de MKBA-methode start het in beeld brengen van de gevolgen van het beleid niet pas op het eind van planproces, maar speelt het vanaf het begin een rol.

Hoe je in een MKBA rekening kunt houden met kenmerken waarvan de baten niet gemakkelijk in geld zijn uit te drukken, is voor stedenbouwkundige kenmerken voorgedaan in de PBL-publicatie ‘Planobjectivering’.

Ook deze website ‘Erfgoed als leefomgevingskwaliteit’ wil een bijdrage leveren aan de vraag hoe je rekening kunt houden met het specifieke karakter van erfgoed als je systematisch de effecten van de ruimtelijke ingreep in beeld wilt brengen en alternatieven tegen elkaar wilt afwegen. De RCE publiceerde eerder een handreiking Cultuurhistorie in m.e.r. en MKBA.

Maar door de effecten van het plan te benoemen in termen van leefomgevingswaarden, kun je wel een beter beeld krijgen. Welke leefomgevingswaarden worden behouden of versterkt in het plan en welke niet? Welke ruimtelijke elementen moeten daarvoor worden behouden of doorontwikkeld? Kunnen plannen geoptimaliseerd worden om meer leefomgevingswaarde te behouden of te creëren?

De volgende vragen helpen om de afweging tijdens het planproces inhoudelijk goed te onderbouwen.

Onderstaande cases zijn versimpelde voorbeelden van de keuzes tussen leefomgevingswaarden die bij een ruimtelijke ingreep gemaakt moeten worden.

Gezien de hoeveelheid wind is de Noordoostpolder heel geschikt voor windenergie (accommodatiewaarde). Hoewel het dorp zelf niet wordt aangetast, is het wel de vraag in hoeverre met deze skyline het verhaal van Urk als voormalig klein eiland in de Zuiderzee (identiteitswaarde) nog voorstelbaar is.

De voormalige kantine van de ENKA-fabriek in Ede heeft een interessante geschiedenis. De vooruitstrevende directie heeft hem laten ontwerpen als gezamenlijke kantine voor directie en personeel. Hij diende als voorbeeld voor vele andere bedrijfskantines in het land. Dergelijke verhalen geven deze plek een identiteitswaarde waarvan ook de omringende nieuwbouwwijk profiteert. Maar de fabriek heeft daarnaast ook veel betekend voor het sociale weefsel van de stad, bijvoorbeeld doordat veel verenigingen hun oorsprong op het fabrieksterrein hebben. Door te kiezen voor een maatschappelijke invulling voor het gebouw (een brede school) probeert de ontwikkelaar BOEi deze sociale waarde deels te behouden in een nieuwe vorm.

De locatie in Amsterdam-Noord geeft de Van der Pekbuurt een hoge accommodatiewaarde voor koopwoningen. In de afweging is er echter voor gekozen om (naast de representatie en esthetische waarde) ook de sociale waarde van de buurt te borgen door gedeeltelijk de sociale woningbouw te behouden.

Het Spaardersbad in Gouda heet zo omdat inwoners indertijd hebben gespaard om dit openbaar zwembad voor hun wijk te bekostigen. Nu is het omgebouwd tot loft-appartementen (accommodatiewaarde), waarin de architectonische elementen van het zwembad zichtbaar terugkomen. Maar het is een interessante vraag of de identiteitswaarde van het Spaardersbad is aangetast nu het gebouw niet meer openbaar toegankelijk is.

De ruïne van Kasteel Keverberg in Kessel is in 2015 hersteld met een eigentijdse opbouw. In het kasteel kunnen nu allerlei activiteiten plaatsvinden (accommodatiewaarde) waar de dorpsgemeenschap baat bij heeft (sociale waarde). Het is echter een interessante vraag hoeveel ontdekkingswaarde - het mysterieuze onbekende dat een ruïne vaak uitstraalt -, hiermee is ingeleverd.

Bij kleuronderzoek ten behoeve van de restauratie van de vuurtoren van Haamstede kwam naar voren dat de toren oorspronkelijk roestbruin was (representatiewaarde volgens cultuurhistorische experts). Bewoners protesteerden echter omdat het karakteristieke ‘zuurstok’-uiterlijk juist het icoon van het dorp zou zijn geworden (representatiewaarde volgens bewoners). Het ‘hoorde’ bij het dorp zoals zij dat kenden, zo zag ‘hun’ vuurtoren er uit (identiteitswaarde)!