In een steeds meer circulaire economie gaan we slim en zuinig met producten en grondstoffen om. We gebruiken producten opnieuw of delen sommige producten. Als ze kapot zijn, repareren we ze. En als dat niet meer kan, maken we nieuwe producten van de materialen waar ze uit bestaan. Het doel van de overheid is dat Nederland in 2050 volledig circulair is. Het Nationaal Programma Circulaire Economie 2025 helpt daarbij met maatregelen om de komende jaren zuiniger om te gaan met grondstoffen. Inzet is om de waarde van producten en materialen te behouden of terug te winnen.
De circulaire economie is een transitieopgave die zich ontwikkelt vanuit de bredere economie. Circulaire activiteiten betreffen geen aparte sector. Alle bedrijven passen (geleidelijk) hun bedrijfsvoering aan met activiteiten zoals recycling, reparatie en hergebruik en daardoor veranderen waardeketens. Er spelen in de economie meerdere ontwikkelingen tegelijkertijd, zoals digitalisering, energietransitie, schaalvergroting en re- en offshoring. Deze ontwikkelingen zijn met elkaar verweven en beïnvloeden de ruimtevraag.
In 2025 zijn er twee onderzoeken uitgevoerd:
- het onderzoek naar ruimte voor circulaire economie op bedrijventerreinen in opdracht van de ministeries van EZ en IenW, Kamerbrief over onderzoek over ruimte voor circulaire economie op bedrijventerreinen; Ruimte voor circulaire economie op bedrijventerreinen. Het onderzoek toont aan dat het aanbod van bedrijventerreinen ontoereikend is voor de ruimtevraag en dat die ruimtebehoefte toeneemt door de omslag naar circulair. De grootste omslag wordt verwacht bij bestaande bedrijven. Drie ketens zijn onderzocht: bouw, maakindustrie en kunststoffen. Circulaire activiteiten zullen op alle typen bedrijventerreinen plaatsvinden: van innovatiemilieus tot terreinen met een Hoge Milieu Categorie (HMC), en van ’droge’ terreinen tot watergebonden locaties. De eisen aan het vestigingsmilieu hangen sterk samen met welke specifieke schakel in de keten en type circulaire activiteit het betreft.
- het onderzoek naar de ruimtebehoefte van de vijf energie-intensieve haven- en industrieclusters in opdracht van het ministerie van KGG, Nationale prognose ruimtebehoefte voor verduurzaming en ontwikkeling van industrieclusters. Het betreft ruimte die nodig is voor verduurzaming en ontwikkeling van de industrie in Nederland in 2030 en 2050 – inclusief (circulaire) economie en energie. Het onderzoek toont aan dat in vier van de vijf clusters sprake is van een ruimtetekort.
Bovenstaande onderzoeken bouwen voort op Vier scenario's voor de inrichting van Nederland in 2050 en het daarop volgende rapport Ruimte voor circulaire economie. In deze studies is voor vier verschillende toekomstbeelden uitgewerkt wat de ruimtelijke gevolgen kunnen zijn voor drie typen locaties: bedrijventerreinen, haven- en industriegebieden en steden. Ruimte op de juiste plaats blijkt een cruciale voorwaarde voor het succes van de transitie naar een circulaire economie. Voor het eerst is gesignaleerd dat een circulaire economie waarschijnlijk leidt tot de vraag naar extra ruimte op bedrijventerreinen en in industrieclusters. Dit is door de eerder genoemde, twee later uitgevoerde, onderzoeken bevestigd.
De ruimtevraag vanuit de circulaire economie is het gevolg van extra stappen die nodig zijn om grondstoffen langer in de kringloop te houden. Denk aan ruimte voor bundelen en sorteren van grondstofstromen, verwerking van biogrondstoffen, herfabricage van producten, reparatie, recycling, demontage, strategische voorraden, tijdelijke opslag, (retour)logistiek, co-locaties (locaties waar verschillende bedrijven, start-ups of onderzoeksinstellingen in hetzelfde pand gevestigd zijn) en schuifruimte (flexibele ruimte voor afbouw, ombouw en vervanging van bedrijfsactiviteiten).
Over de kaarten
De selectie van meer dan 70 kaarten die in de Atlas van de Regio getoond worden richt zich op circulaire activiteiten van bedrijven op bedrijventerreinen. Het kan gaan om bedrijven die één circulaire activiteit hebben of meerdere, en om bedrijven die geheel circulair zijn. Daarbij moet rekening gehouden worden met het feit dat ‘reguliere’ bedrijven als garages, sloopbedrijven, leerbewerking, papierfabrieken, kleermakers, reparatie- en onderhoudsbedrijven, lease/verhuur, (groot)handel, antiekwinkels, bibliotheken, wasserijen et cetera als circulair geclassificeerd zijn. Ook is de logistiek meegenomen. De kaarten zijn gebaseerd op onderzoek naar de concentratie van circulaire activiteiten op bedrijventerreinen (Erasmus Universiteit en Rienstra Beleidsonderzoek en Beleidsadvies), op de onderzoeken Ruimte voor circulaire economie op bedrijventerreinen en Nationale prognose ruimtebehoefte industrieclusters, en op data van circulaire ketens op bedrijventerreinen (Stec Group).
Meer informatie
- Meer informatie over de bronnen en methode van het onderzoek van de Erasmus Universiteit en Rienstra Beleidsonderzoek en Beleidsadvies
- Meer informatie over het Nationaal Programma Circulaire Economie
- Meer informatie over PBL-onderzoek naar circulaire economie